donderdag 27 december 2012

Kopen op afbetaling duur

Wie een kostbaar product wil aanschaffen, is veel voordeliger uit door dit zelf bij elkaar te sparen dan het te kopen op afbetaling. Door de hoge rente voor kredieten betalen consumenten uiteindelijk tot circa 15 procent bovenop de aanschafprijs. De Consumentenbond adviseert om vooraf goed te berekenen hoe hoog de kosten voor uitgestelde betaling zullen worden.
Bart Combée, directeur Consumentenbond: 'Laat je niet inpakken door verkooppraatjes. Als je iets koopt wat je niet meteen kunt betalen, betaal je uiteindelijk veel meer." Om een auto van 20.000 euro in drie jaar bijeen te sparen, is een maandelijkse inleg van 534 euro voldoende. Hetzelfde bedrag lenen, en in drie jaar aflossen kost bij de dealer 632 euro per maand. Een verschil van in totaal ruim 2750 euro. Bijkomend voordeel van zelf sparen voor een aankoop is dat het Bureau Kredietregistratie (BKR) buiten de deur gehouden wordt. Wie een betalingsachterstand oploopt van 2 maanden, krijgt na een waarschuwing van de kredietverstrekker een aantekening bij het BKR die 5 jaar blijft staan. Dat maakt het bijna onmogelijk om een hypotheek af te sluiten. Wie een maand niet spaart, heeft geen centje pijn.'
 

vrijdag 21 december 2012

Valutategenvaller bij uitbetalingen IJsland

De provincie Noord-Holland en diverse overheden die nog geld krijgen van de failliete IJslandse bank Landsbanki, lopen mogelijk een kwart van dat geld mis vanwege een ongunstige wisselkoers. Dat meldt het ANP op basis van een rapportage van de gemeente Texel. Dat komt doordat een claim is ingediend bij de IJslandse Hoge Raad om bij terugbetaling de koers op het moment van betalen te hanteren. Het koersverschil is in dat geval ongunstig.
De claim is ingediend door niet-preferente schuldeisers die achteraan moeten sluiten. De verwachting is dat zij maar tien procent van hun schulden krijgen uitbetaald. Zij zoeken daarom gunstiger voorwaarden voor uitbetaling.
Bij het bevriezen van de buitenlandse tegoeden van Landsbanki in 2008 werden deze omgezet in IJslandse kronen. De waarde daarvan was toen al sterk gedaald. In de loop der tijd steeg de koers weer en leek het er op dat het volledige bedrag zou worden uitbetaald. Nu dreigen provincies en gemeenten 56 miljoen euro mis te lopen. Het totale bedrag voor provincies en gemeenten bedroeg 172 miljoen.

Interesse Eerste Kamerleden voor alternatief verhuurdersheffing

Vanuit de Eerste Kamer is positief gereageerd op het Huur en Bouwalarm dat Woonbond en FNV Bouw vandaag sloegen. Alle aanwezige senatoren zeiden de gevolgen van de verhuurdersheffing zeer nadelig te vinden voor zowel huurders, werkgelegenheid en samenleving. Zij willen dat er een investeringsalternatief wordt onderzocht.
Woonbond en FNV Bouw hebben er bij herhaling op gewezen dat een investering door woningcorporaties van 5 miljard euro in nieuwbouw het Rijk 2,5 miljard euro oplevert door inkomsten uit BTW en loonbelasting. De senatoren van CDA, GroenLinks, PvdA, SP en VVD willen pleiten voor extra tijd om de mogelijkheden van dit alternatief zorgvuldig te onderzoeken.
De verhuurdersheffing houdt in dat het Rijk aan verhuurders een heffing oplegt van jaarlijks 2 miljard euro. Om dat mogelijk te maken komen er wat het Rijk betreft inkomensafhankelijke huurverhogingen van 4 tot 9 procent. Verhuurders geven aan zij daarmee bij lange na niet uit de kosten zijn. Bouw- en renovatieprojecten worden stopgezet, onderhoud gaat er bij inschieten en ook voor investeringen in duurzaamheid en leefbaarheid zal geen geld meer zijn. Het Centraal Fonds Volkshuisvesting , een autoriteit in de volkshuisvesting, becijferde dat de verhuurdersheffing leidt tot het faillissement van meer dan 40 woningcorporaties.
Onder huurders, woningzoekenden en ook verhuurders is groot verzet tegen de verhuurdersheffing en de huurverhogingen. In korte tijd plaatsten ruim 13.000 mensen hun digitale handtekening op huuralarm.petities.nl.

woensdag 19 december 2012

Mobiel bankieren zorgt voor kortere betaaltermijnen

Ondernemers die gebruik maken van een mobiel bankieren app hebben beter inzicht in de betaalstromen van hun onderneming. Een groot gedeelte van hen zegt te zorgen dat ze sneller betaald krijgen. Dit blijkt uit onderzoek van de ING naar het gebruik van mobiel bankieren apps onder ondernemers met een smartphone of tablet.
Vooral bij jongere ondernemers is bankieren met een smartphone of tablet populair. Twee derde van de ondernemers van dertig jaar of jonger maakt er gebruik van, bij de ondernemende zestig plusser is dit 33 procent. Daarnaast maken meer mannelijke dan vrouwelijke ondernemers gebruik van een app voor mobiel bankieren.
Bijna negen op de tien ondernemers geeft aan beter inzicht te hebben in betaalstromen en er meer kijk op hebben wanneer hun klanten betalen. Ook zegt 63 procent dat zij hun klanten eerder attenderen als deze nog niet betaald hebben. Volgens 44 procent betalen hun klanten nu eerder op tijd en een derde zegt zelf de rekeningen eerder te betalen.
Vier op de vijf gebruikers van de app maakt hiervan gebruik op hun smartphone. Bijna de helft gebruikt hiervoor ook een tablet, maar een tablet is onder ondernemers minder populair dan onder particulieren. Een derde van de zakelijke mobiel bankierders vinden het grootste voordeel dat ze altijd en overal inzicht hebben in de bij- en afschriften. Daarmee wijken ze af van de particuliere gebruikers die het vooral belangrijk vinden dat ze altijd en overal precies weten hoeveel geld er op hun rekening staat.
Twee derde van de ondernemers die mobiel bankieren is het eens met de stelling dat mobiel bankieren de zakelijke betaalmethode van de toekomst is. Ruim een derde van hen zegt nu al nauwelijks meer te internetbankieren. Voor hen gaat vrijwel alles mobiel. Ben van de Vrie: “We zien dat ondernemers onze Mobiel Bankieren app goed waarderen. Dit blijkt uit het aantal downloads maar ook uit de reacties die we van onze klanten krijgen. We werken continu aan verbeteringen en aan nieuwe toepassingen voor ondernemers.”

Vertrekkende bedrijven krijgen keuze over moment van afrekening met Nederlandse fiscus

Bedrijven die vertrekken naar het buitenland, krijgen de keuze wanneer ze willen afrekenen met de Nederlandse Belastingdienst. Dat is de kern van een wetsvoorstel van staatssecretaris Weekers van Financiën waar de Tweede Kamer mee heeft ingestemd.
De eindafrekening hoeft daarmee niet onmiddellijk voldaan te worden. Bedrijven die de zogeheten exitheffing op een later moment willen betalen, moeten echter wel een bankgarantie afgeven. Daarnaast is invorderingsrente verschuldigd. Voor de berekening van de heffing mag de Belastingdienst uitgaan van de waarde van de bezittingen op het moment van vertrek. Bedrijven krijgen de mogelijkheid het te betalen bedrag in tien termijnen te voldoen.
Staatssecretaris Weekers: “Met deze wetswijziging krijgen bedrijven de keuze bij vertrek naar een ander Europees land: meteen afrekenen of uitstel van betaling, maar dan wél met rente en een bankgarantie, zodat de Nederlandse schatkist geen geld misloopt.”
Het wetsvoorstel dat nu is aangenomen, vloeit voort uit een uitspraak van het Europese Hof van Justitie
De exitheffing moet betaald worden door ondernemingen die hun feitelijke zetel verplaatsen naar een andere Europese lidstaat. Op het moment van vertrek worden de winsten die in Nederland zijn ontstaan, maar die nog niet zijn gerealiseerd, belast, zoals bijvoorbeeld goodwill.

dinsdag 18 december 2012

Geld leidt niet altijd tot duurzaam gedrag

‘Korter douchen levert geld op!’ Met dergelijke, op de portemonnee gebaseerde reclamecampagnes worden consumenten opgeroepen zich duurzamer te gedragen. Een beroep op milieuoverwegingen zou minder effect hebben. Psycholoog Jan Willem Bolderdijk van de Rijksuniversiteit Groningen toont in zijn onderzoek aan dat dat altijd niet waar is. Sterker nog; hij laat zien dat aanspreken op de portemonnee soms zelfs helemaal niet werkt. Het onderzoek werd vorige week gepubliceerd in Nature Climate Change.
Dat het helpt om mensen aan te spreken op hun portemonnee, is in de reclamewereld een algemeen aanvaard principe. Maar uit eerder onderzoek is ook bekend dat mensen niet alleen om geld geven. Ze vinden een positief zelfbeeld ook heel belangrijk en zien zichzelf graag als integer, eerlijk en moreel. ‘Dat heeft gevolgen voor milieucampagnes,’ meent Bolderdijk. ‘Mensen zien zichzelf mogelijk liever als milieubewust dan als zuinig of zelfs gierig en zijn daarom misschien gevoeliger voor campagnes die appelleren aan milieubewustzijn - ‘doe het voor het milieu’ - dan aan harde euro’s - ‘doe het voor het geld’.
Bolderdijk en zijn collega’s onderzochten die veronderstelling met behulp van een tweetal vragenlijsten. Sommige mensen lazen een boodschap met de tekst: ‘Geld besparen? Doe een bandencheck!’ Anderen kregen in plaats daarvan de oproep: ‘Geef je om het milieu? Doe een bandencheck!’ Aan beide groepen vroegen de onderzoekers hoe de proefpersonen zich zouden voelen als ze aan die oproep gehoor zouden geven. Het bleek dat mensen zich beter voelden over milieubesparing dan over geldbesparing.
Ook plaatste Bolderdijk samen met Amerikaanse collega’s sandwichborden bij benzinepompen van een tankstation in de staat Virginia. Elk bord riep op tot het laten doen van een gratis bandencheck, maar elk met een ander argument. Opnieuw was er een bord met als motivatie geldbesparing en een met de motivatie milieubesparing. Nu was er echter ook een bord dat wees op veiligheid en als controle een bord zonder argument.
Bij de borden hingen coupons voor de gratis bandencheck. De onderzoekers hielden 22 dagen lang bij hoeveel coupons men meenam. Het bleek dat het argument van milieubesparing het sterkste effect had, gevolgd door het beroep op veiligheid en het bord zonder argument. Tot verbazing van de onderzoekers bleek dat bij het bord over geldbesparing niemand een coupon mee had genomen. ‘Het wijzen op kleine financiële voordelen lijkt soms zelfs een negatief effect te hebben,’ aldus Bolderdijk.
‘Mensen willen zichzelf graag recht in de spiegel kunnen aankijken, en de meeste van ons zien zichzelf liever als groen dan als zuinig of gierig’, luidt Bolderdijks conclusie. ‘Het behouden van een positief zelfbeeld kan een belangrijke motivatie zijn voor duurzaam gedrag. Daar zou de overheid meer rekening mee kunnen houden bij het bedenken van campagnes om duurzaam gedrag bij consumenten te bevorderen.’

maandag 17 december 2012

'Nederland kan stempel drukken op regelgeving voor pensioenfondsen'

Nederland kan een belangrijke stempel drukken op de komende Europese regelgeving voor pensioenfondsen. Ons land kent niet alleen een relatief sterk ontwikkelde pensioenmarkt, maar heeft bovendien als enige land in de Europese Unie ervaring met een op Solvency II lijkend toezichtkader, het FTK.
Ook het Financieel Toetsingskader is gebaseerd op risicobasis en gaat uit van het waarderen van verplichtingen op marktwaarde. Bovendien kent het FTK ook al een continuïteitsanalyse. Volgens Edward Snieder, partner bij KPMG en segmentleider Pensioenfondsen, geeft dit Nederlandse pensioenfondsen ten opzichte van enkele andere Europese landen een voordeel als overgestapt moet worden naar een op Solvency II gebaseerd toezichtkader. Snieder: “Bovendien beweegt het FTK zich al in de richting van het Europese raamwerk, getuige de gewijzigde rentecurve die gebaseerd is op een deels aan Solvency II ontleende systematiek en getuige de contouren van het nieuwe FTK, waarin een aantal parameters is aangescherpt. Ook al vormt een zekerheidsmaat van 97,5% nog altijd de basis.”
Toch maakt de Nederlandse pensioensector zich grote zorgen over de mogelijke invoering van een Solvency II-raamwerk, zoals dat voor verzekeraars gaat gelden. “Deze zorgen hebben vooral te maken hebben met de hogere zekerheidsmaat”, zegt Alexander van Stee van KPMG Risk & Actuarial Services. Van Stee: “Onder Solvency II geldt een zekerheidsniveau van 99,5%, vergeleken met de 97,5% van het huidige FTK. De impact hiervan is groot. Echter, ook wanneer de zekerheidsmaat van 97,5% voor pensioenfondsen blijft bestaan, zullen de buffereisen toenemen. Dat komt doordat Solvency II rekening houdt met meer risico’s dan onder het FTK het geval is en omdat de diversificatievoordelen minder groot zijn. Zelfs bij een zekerheidsmaat van ‘slechts’ 97,5% zullen sommige pensioenfondsen hun vereiste buffers met meer dan 20% zien stijgen. De precieze impact is sterk afhankelijk van de specifieke kenmerken van het pensioenfonds.”
Vanuit Europa hebben volgens Van Stee vooral de pensioensectoren in de landen met een relatief grote tweede pijler, waaronder Nederland, veel kritiek geuit op de Europese voorstellen om Solvency II ook toe te passen op pensioenfondsen. Van Stee: “Veel Nederlandse pensioenfondsen vinden dat de buffereisen die gelden voor verzekeraars veel te zwaar zijn voor de Nederlandse pensioenfondsen. Uit jaarlijks onderzoek van KPMG onder honderd Nederlandse pensioenfondsen blijkt dat slechts 30% van de fondsen vindt dat de buffereisen voor pensioenfondsen even streng moeten zijn als de buffereisen voor verzekeraars. De vraag is echter of Solvency II onverkort op pensioenfondsen zal worden toegepast en of hiermee de grens van betaalbaarheid wordt overschreden. Enige nuancering van de onrust over de Europese voorstellen is op zijn plaats. Het traject voor verzekeraars heeft laten zien dat het een langdurig proces is en dat als gevolg van de lobby van verzekeraars en politiek veranderingen mogelijk zijn.”
Niettemin wijzen de eerste signalen volgens Van Stee in de richting van hogere buffereisen voor de Nederlandse pensioenfondsen. Snieder: “Dat kan ook eigenlijk niet anders. De financiële crisis heeft laten zien dat het FTK-standaardmodel geen goede reflectie opleverde van de risico’s van pensioenfondsen. De gewenste zekerheid van 97,5% was er in feite niet. De fundamentele vraag die voorligt is dus of we minder zekerheid accepteren of in plaats daarvan hogere buffers vormen om de gewenste zekerheid ook daadwerkelijk waar te kunnen maken. In dat licht bezien is het juist goed dat er een toezichtmodel komt dat de daadwerkelijke risico’s beter weerspiegelt. Dat verkleint de mismatch tussen verwachting en realisatie.”

vrijdag 14 december 2012

App ontwikkeld voor het vergelijken en afsluiten van zorgverzekeringen

Als eerste in Nederland heeft vergelijkingswebsite vergelijken.net een app ontwikkeld om zorgverzekeringen te vergelijken op iPad, iPhone of Android phone. Jaarlijks veranderen bijna 1 miljoen mensen van zorgverzekering. Veel mensen die de overstap niet maken vinden het te veel gedoe om zich hier in te verdiepen. Toch valt er veel geld te besparen door te kiezen voor de goedkopere internet variant van een zorgverzekeraar.
Om mensen die moeite en tijd te besparen heeft vergelijken.net een unieke app ontwikkeld om alle zorgverzekeringen snel en simpel met elkaar te vergelijken. Als de app is opgestart verschijnt er een overzicht van alle zorgverzekeringen met de bijbehorende premie voor de basisverzekering in 2013. Aan de rechterzijde van de iPad app kan de verzekering aangepast worden door de gewenste aanvullende opties te selecteren. Ook kan het eigen risico verhoogd worden. De prijzen van de zorgverzekeringen worden zonder enige vertraging aan deze opties aangepast. Zo is het direct duidelijk wat de effecten zijn van gekozen opties en eigen risico en welke verzekering dan het voordeligst is.
Als de de gekozen verzekeraar wordt aangeklikt dan verschijnt een detail pagina. Hier vind men uitgebreide informatie over de aanvullende verzekeringen en kan men van pakket wijzigen. Ook is er een link om alle vergoedingen van de verzekering te bekijken.
Ten slotte is hier mogelijk om direct online de zorgverzekering van keuze af te sluiten door op de groene knop 'Direct afsluiten' te klikken. Hiermee wordt direct de overstap gemaakt naar de zorgverzekeraar van keuze. De nog lopende huidige zorgverzekering wordt daarmee automatisch opgezegd, hier hoeft verder niets voor gedaan te worden.
Zo kan binnen 5 minuten de overstap worden gemaakt naar een goedkopere zorgverzekering via een handige app op de smartphone of tablet. Dit zijn dan een paar minuten die veel geld op kunnen leveren.

Egeria jaalt 600 miljoen op

De Nederlandse investeringsmaatschappij Egeria heeft met een eerste en tevens finale 'closing' een nieuw fonds opgehaald. Na een kort en efficiënt proces heeft Egeria de bovengrens van 600 miljoen euro voor haar fonds bereikt. Onder de Nederlandse investeerders bevindt zich een groot aantal families en vermogende ondernemers waarmee Egeria door de jaren heen een goede relatie heeft opgebouwd.
Net als met haar vorige fondsen zal Egeria vanuit haar vierde fonds investeren in sterke Nederlandse (familie)bedrijven.

donderdag 13 december 2012

15 procent verhoogt vrijwillig eigen risico in 2013

Bijna één op de zes Nederlanders kiest in 2013 voor een hoger vrijwillig eigen risico. 11,3 procent sluit voor volgend jaar een zorgverzekering af met het maximale eigen risico van 850 euro. Dit doen zij om een korting te ontvangen op de zorgpremie die kan oplopen tot ruim 25 euro per maand. Dit blijkt uit gegevens van de vergelijker 2013zorgverzekering.nl die het klikgedrag van haar bezoekers bijhoudt.
In november verhoogde nog maar één op de twaalf vrijwillig hun eigen risico van de mensen die van zorgverzekering zijn overgestapt. De eerste twee weken van december heeft er dus een verdubbeling plaatsgevonden ten opzichte van november.
Mensen gaan steeds meer inzien dat het verhogen van het eigen risico voordelig kan uitpakken, ook nadat verschillende consumentensites en programma's hierop attendeerden. Zeker in het geval van jonge, gezonde mensen die niet of nauwelijks gebruik maken van zorg en dus het eigen risico, kunnen op jaarbasis honderden euro's besparen.

woensdag 12 december 2012

Banken willen dialoog met samenleving

De Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) heeft gereageerd op het rapport Monitoring Commissie Code Banken. Men is blij met de conclusie dat de Code Banken in grote mate wordt nageleefd. De NVB realiseert zich, net als de Monitoring Commissie, dat de voortgang die banken de afgelopen jaren hebben geboekt bij het implementeren van de Code nog onvoldoende bekend is bij het publiek. De NVB realiseert zich ook dat verdere stappen nodig zijn om het vertrouwen in de bankensector te herstellen. Naast bestaande initiatieven zal de bankensector met een groot aantal maatschappelijke partijen gesprekken voeren over de vooruitgang die de sector heeft geboekt en vooral over de uitdagingen die voorliggen. Hierbij wordt nadrukkelijk ook aandacht besteed aan de rol en toekomst van de code, mede in het licht van de door de Commissie gesignaleerde toegenomen wet- en regelgeving.
De commissie ziet op de belangrijkste onderdelen van de Code Banken over de hele linie vooruitgang ten opzichte van haar eerdere rapportage. Op het terrein van de klant is veel vooruitgang geboekt, maar het doel is nog niet bereikt. Medewerkers van banken zijn goed doordrongen van het belang van risicomanagement en onder de onderzochte banken bestaat consensus dat bij een beter risicomanagement en lagere risico's met minder rendement genoegen genomen moet worden. De meerderheid van de medewerkers is bekend met de moreel-ethische verklaring die is uitgewerkt in principes voor hun handelen. De bankensector houdt zich wat betreft beloningen goed aan de code, aldus de commissie. Niet-financiële criteria maken in bijna alle gevallen deel uit van de individuele beoordeling. Dit zijn belangrijke stappen richting herstel van vertrouwen en een stabielere bankensector. De gezamenlijke banken voelen zich verantwoordelijk om verder te werken aan dit herstel en hopen dat de dialoog met maatschappelijke partijen daar verder aan kan bijdragen.

ING-bestuursvoorzitter Jan Hommen te gast bij economiestudenten UvA

Jan Hommen, bestuursvoorzitter van de ING Group is woensdag 12 december te gast bij economiestudenten van de Universiteit van Amsterdam (UvA). In het discussieprogramma Room for Discussion spreken zij met hem over de gedwongen verkopen van ING en de rol die de Europese Commissie hierbij. Ook komt de Europese bankenunie en de bankierseed ter sprake.
Room for Discussion is een interviewprogramma voor en door studenten op de Faculteit Economie en Bedrijfskunde van de UvA. Voor een groot publiek interviewen studenten in een daartoe ingerichte ‘huiskamer’ wetenschappers, politici, zakenmensen en opinieleiders van Nederland. Room for Discussion ontving eerder onder andere oud-bestuursvoorzitter Rijkman Groenink van ABN Amro, (voormalig) ministers van Financiën Wouter Bos en Jan Kees de Jager en oud-DNB-president Nout Wellink.

dinsdag 11 december 2012

ING breidt Mobiel Bankieren App uit met inzicht in creditcarduitgaven

ING biedt klanten via zijn Mobiel Bankieren App nu ook inzicht in hun creditcarduitgaven. Particuliere klanten kunnen met de app hun creditcardbetalingen inzien en aflossen. Op dit moment maken al ruim 1 miljoen klanten van ING gebruik van mobiel bankieren. Zij gebruiken de Mobiel Bankieren App voornamelijk om hun saldo te checken en betalingen te verrichten. Met de uitbreiding van de app kunnen particuliere klanten met een creditcard van de ING nu nog meer grip op en inzicht in hun financiële bankzaken krijgen.
Sinds het bankieren met een app geeft 75 procent van de Nederlanders met een mobiel bankieren app aan meer controle te hebben over zijn geldzaken. Klanten die gebruik maken van de mobiel bankieren app geven de ING regelmatig feedback. Uit deze feedback bleek dat klanten graag inzicht hebben in hun creditcarduitgaven. Met de uitbreiding van de app biedt de ING haar klanten nu deze mogelijkheid.

maandag 10 december 2012

Verzekeraars weigeren premiespaarpot terug te geven

Een derde van de verzekeraars houdt zich niet aan de wettelijke regels als klanten hun overlijdensrisicoverzekering tussentijds beëindigen. Dat blijkt uit een onderzoek van de Consumentenbond Geldgids van december. Tussentijdse opzeggers moeten hun premiereserve terugkrijgen, in de vorm van een premievrije polis of terugbetaling. De verzekeraars die zich daar niet aan houden benadelen consumenten voor soms duizenden euro's. De Consumentenbond roept de Autoriteit Financiële Markten (AFM) op om in te grijpen.
De Consumentenbond onderzocht overlijdensrisicoverzekeringen waarbij nabestaanden eenmalig een vastgesteld bedrag ontvangen. Deze verzekeringen bevatten een ingebouwd spaarpotje, zodat de premie constant blijft. Aan het einde van de looptijd staan verzekerde en verzekeraar weer quitte en krijgt de verzekerde niets terug.
Consumenten die echter na vijftien van de dertig jaar hun verzekering niet meer nodig hebben of die willen overstappen van verzekeraar, hebben meer betaald dan nodig om het risico af te dekken. De Geldgids berekent de omvang van deze premiereserve voor een doorsnee verzekering van €125.000 en een looptijd van 30 jaar, na 15 jaar tussen de €550 en €1250.
Overlijdensrisicoverzekeringen zijn bij veel hypotheken een vereiste. Ook sommige ouders die hun kinderen een gegarandeerde spaarpot willen nalaten, kiezen voor deze verzekering. Redenen om de verzekering voortijdig te stoppen zijn echtscheidingen, zelf ontvangen erfenissen, of dat een zelfde verzekering elders goedkoper is.
Consumenten die een overlijdenspolis voortijdig hebben beëindigd en twijfelen of de premiereserve is verrekend, kunnen dit navragen bij hun verzekeraar. Gedupeerden kunnen gebruik maken van een voorbeeldbrief. Levert dat niets op, dan kunnen consumenten een klacht indienen bij het Klachteninstituut Financiële Dienstverleners (KiFiD).

donderdag 6 december 2012

Aanvullende zorgverzekering kan veel goedkoper

Aanvullende verzekeringen bij zorgverzekeraars bieden in veel gevallen een waslijst aan vergoedingen, die nooit of minimaal door de verzekerden geclaimd worden. Door deze aanvullende pakketten uit te kleden tot de meest noodzakelijke behandelingen, zou de premie veel goedkoper kunnen worden. Zo is er maar minimaal behoefte naar vergoeding voor brillen en lenzen, alternatieve geneeswijzen en volledige hulp in het buitenland, blijkt dinsdag uit gegevens van de vergelijkingssite 2013zorgverzekering.nl, die het keuzegedrag van gebruikers bijhoudt.
Door de aanvullende verzekeringen beter af te stemmen op de daadwerkelijke behoefte van de consument, kunnen de premies voor deze polissen omlaag gehaald worden. Zo zou iedere zorgverzekeraar eigenlijk aparte pakketten aan moeten bieden waarbij een X aantal fysiotherapiebehandelingen worden vergoed, zonder extra poespas van andere behandelingen. De premie kan hierdoor beter worden afgestemd op hetgeen waarvoor het gebruikt wordt. 26,5% van de mensen die op zoek zijn naar een nieuwe zorgverzekering willen namelijk zichzelf extra verzekeren voor fysiotherapie, terwijl maar 9,7% dit wil voor alternatieve geneeswijzen. Toch worden beide behandelingen vaak in hetzelfde aanvullende pakket vergoed.
Wanneer dit wordt opgesplitst in aparte pakketten kan de premie naar beneden zakken en ben je niet meer zo snel over verzekerd. Nu kost een aanvullende zorgverzekering al snel 15 tot 20 euro per maand bij de zorgverzekeraars.
Wanneer zorgverzekeraars meer eenzijdige aanvullende verzekeringen aanbieden wordt het ook overzichtelijker voor een consument om deze te vergelijken. Bijkomend effect is dat de concurrentie hierdoor tussen verzekeraars wordt aangescherpt, wat weer ten goede kan komen voor de consument.

Cijfers op basis van het keuzegedrag op 2013zorgverzekering.nl

    37,8% wil zich extra verzekeren voor mondzorg
    26,5% wil zich extra verzekeren voor fysiotherapie
    11,1% wil zich extra verzekeren voor brillen en lenzen
    9,7% wil zich extra verzekeren voor alternatieve geneeswijzen
    5,6% wil zich extra verzekeren voor anticonceptie (vanaf 21 jaar)
    8,8% wil zich volledig verzekeren voor het buitenland

woensdag 5 december 2012

Aegon koopt Fidem Life in Oekraïne

Aegon neemt Fidem Life over, de op vier na grootste levensverzekeraar in Oekraïne. Hiermee versterkt Aegon zijn positie in Centraal- en Oost-Europa. Aegon is sinds 1992 actief in deze regio en heeft bedrijven in Hongarije, Polen, Roemenië, Slowakije, Tsjechië en Turkije.
Aegon zal het 100%-belang in Fidem Life overnemen van de lokale private equity firma Horizon Capital. De transactie zal naar verwachting in het eerste kwartaal van 2013 worden afgerond, afhankelijk van goedkeuring door de toezichthouder. Fidem Life zal zijn activiteiten voortzetten onder de naam "Aegon Oekraïne" en wordt onderdeel van Aegon Centraal- en Oost-Europa (Aegon CEE). Aegon Oekraïne zal zich primair richten op groei van de levensverzekeringsactiviteiten en verdere uitbouw van het agentennetwerk.

Vereniging Eigen Huis: nieuwe regelgeving hypotheken ondeugdelijk

In een oproep aan de Eerste Kamer vraagt Vereniging Eigen Huis de hypotheekmaatregelen van het nieuwe kabinet niet op 1 januari aanstaande, maar een jaar later in te voeren. Vereniging Eigen Huis zet grote vraagtekens bij de kwaliteit van de regelgeving en maakt zich ernstige zorgen over de gevolgen voor de woningmarkt. De snelle besluitvorming rond de woningmarktmaatregelen heeft geleid tot ondoordachte regelgeving waarbij de alternatieven onvoldoende zijn afgewogen.
Door de nieuwe hypotheekmaatregelen worden groepen in de samenleving gedurende tientallen jaren ongelijk fiscaal behandeld. Bestaande gevallen worden ongemoeid gelaten terwijl met name de starters, die zo belangrijk zijn voor de woningmarkt, verplicht worden om hun gehele hypotheek gedurende de looptijd volledig af te lossen. Het kabinet wil hiermee de kosten van de hypotheekrenteaftrek terugdringen en het risico van hypotheken reduceren. Volgens Vereniging Eigen Huis kan dit ook op een andere manier, zonder de relatief zware aflossingsverplichting te hanteren. De maatregelen van het kabinet kunnen volgens het CPB tot 100 miljard aan waardeverlies veroorzaken en het aantal huishoudens dat met de hypotheek onder water staat verder doen toenemen van circa 700.000 nu tot circa 1 miljoen in de komende periode.
De kabinetsmaatregelen voor de woningmarkt beperken huizenkopers onnodig in hun vrijheid om hun hypotheek af te stemmen op hun persoonlijke omstandigheden. Volledig aflossen van de hypotheek is in bepaalde huishoudsituaties onwenselijk en ook niet noodzakelijk. De kosten van de renteaftrek en het hypotheekrisico worden al voldoende beheerst door de bestaande verplichting om minimaal 50% van de oorspronkelijke woningwaarde af te lossen. Daarnaast kan voor de renteaftrek worden volstaan met een afbouw volgens een (fictief) annuïtair schema . Er zijn daarom volgens Vereniging Eigen Huis onvoldoende argumenten om de huizenkopers te dwingen tot volledige aflossing.
Tot slot krijgen eigenwoningbezitters te weinig tijd om hun hypotheek aan te passen aan de nieuwe regelgeving. Dit geldt met name voor huiseigenaren met een aflossingsvrije hypotheek die in verband met de prijsdalingen in de markt toch een aflossingsopbouw willen koppelen aan hun hypotheek. Zij worden geconfronteerd met een onhaalbare datum van 31 december dit jaar. Vrijwel alle banken en hypotheekadviseurs hebben aangegeven dat adviesgesprekken en omzettingen van hypotheken dit jaar niet meer mogelijk zijn.
Alternatieven voor de overhaast ingevoerde hypotheekregels zijn onvoldoende overwogen en gevolgen voor de woningmarkt zijn onvoldoende zijn doordacht, volgens Vereniging Eigen Huis. De vereniging pleit er dan ook voor om af te zien van de invoering van de verplichte annuïtaire aflossing per 1 januari 2013. Uitstel met een jaar biedt de mogelijkheid om de maatregelen alsnog goed voor te bereiden, de kwaliteit van de regelgeving te verbeteren en het biedt burgers voldoende gelegenheid om hun situatie op de nieuwe regelgeving aan te passen. Aanpassing van het wetsvoorstel dat door de Tweede Kamer bij de Eerste Kamer is ingediend, heeft volgens de vereniging nauwelijks budgettaire consequenties voor het komende jaar en is mogelijk via een zogenaamde novelleprocedure.

maandag 3 december 2012

Vereniging Woekerpolis van start

Afgelopen weekend is de Vereniging Woekerpolis.nl officieel van start gegaan. De vereniging is opgericht met het doel om diverse collectieve procedures te voeren tegen verschillende verzekeraars die gezamenlijk meer dan 100 miljard euro aan premies ontvingen op de door hen verkochte woekerpolissen. Gedupeerden kunnen zich vanaf vandaag gratis aanmelden via de website www.woekerpolis.nl.
Pieter Lijesen, voorzitter van de Vereniging Woekerpolis.nl: "Het woekerpolisdossier is een vervelende kwestie. Aan de ene kant heb je twee door verzekeraars betaalde stichtingen die samen met verzekeraars heel hard roepen dat de woekerpolisaffaire is opgelost. Zij worden feitelijk ook nog gesteund door de overheid die eigenlijk liever niet ziet dat de werkelijke schade wordt vergoed, omdat dan de solvabiliteit van verzekeraars verder onder druk komt te staan. Aan de andere kant heb je miljoenen ontevreden gedupeerden die straks hun hypotheek niet kunnen aflossen of met een pensioentekort zitten. De rechtspraak is echter duidelijk; de veroorzaker van de schade moet betalen. En dat is nou precies waar wij voor gaan zorgen".
In Nederland zijn meer dan 7 miljoen woekerpolissen verkocht. Het compensatieakkoord dat is gesloten tussen stichtingen en verzekeraars om gedupeerden tegemoet te komen, is volgens velen onvoldoende. Het overgrote deel van de gedupeerden heeft geen compensatie ontvangen of zelfs nog geen bericht hierover ontvangen.
Voor het voeren van de collectieve procedures werkt de vereniging met juridische specialisten met wie resultaat gebonden afspraken zijn gemaakt zodat de juridische kosten binnen de perken blijven.

NVB-voorzitter volgend jaar met pensioen

Voorzitter Boele Staal van de Nederlandse Vereniging van Banken gaat met pensioen en zal naar verwachting in de loop van volgend jaar vertrekken bij de NVB. Hij wordt volgende maand 65 jaar. In juli van dit jaar heeft hij in het bestuur van de NVB aangekondigd op een geschikt moment van zijn pensioen gebruik te willen maken. Onlangs is het bestuur een procedure begonnen voor een opvolger. Afgesproken is dat Boele Staal aanblijft als voorzitter totdat een goede opvolger is gevonden.
Staal trad op 1 maart 2007 aan als voorzitter van het bestuur van de Nederlandse Vereniging van Banken. Daarvoor was hij Commissaris van de Koningin in de provincie Utrecht. De op zijn voorstel ingestelde commissie-Maas die onderzoek deed naar de oorzaken van de kredietcrisis in 2008, het 'Herenakkoord' met de toenmalige minister Bos van Financiën en de daaropvolgende totstandkoming van de Code Banken zijn belangrijke resultaten tijdens zijn voorzitterschap. De Code banken, een vorm van zelfregulering van de banken, bevat uitgangspunten op het gebied van risicobeheersing, het centraal stellen van het klantbelang, moreel-ethisch gedrag en verantwoorde beloning. De onafhankelijke Monitoring Commissie Code Banken rapporteert jaarlijks over de naleving hiervan. Eind vorig jaar oordeelde deze commissie dat de banken actief met de code aan de slag zijn gegaan en behoorlijke stappen hebben gezet om wezenlijke veranderingen door te voeren op alle gebieden die de code bestrijkt.

vrijdag 30 november 2012

Banken onduidelijk over aansprakelijkheid

Banken moeten in hun productvoorwaarden helder en eenduidig zijn wanneer hun klanten geheel of gedeeltelijk aansprakelijk zijn voor fraude bij online betalingsverkeer. Dat stelt de Consumentenbond in reactie op een brief van minister Dijsselbloem van Financiën van 26 november aan de Tweede Kamer. Consumenten die de veiligheidsvoorschriften van hun bank niet naleven, riskeren bij fraude een aansprakelijkheid tot 150 euro.
Wanneer de rekeninghouder de fraude zelf pleegt, of in gevallen van opzet of grove nalatigheid is de consument volledig aansprakelijk. Bart Combée, directeur Consumentenbond: "Maar waar liggen de grenzen: bij het ergens opschrijven van de pincode of internetbankier-code? Bij het opschrijven van een code in versleutelde vorm? Als ik de codes op een briefje in mijn kluis bewaar? Als ik de gegevens in mijn telefoon opsla? Kortom: geef duidelijk aan wat van consumenten wordt verwacht!"
Per geval van internetfraude bepaalt de bank of de rekeninghouder hiervoor zelf aansprakelijk is. Consumenten die het met het besluit van de bank niet eens zijn, kunnen een bezwaar indienen bij het Klachteninstituut Financiële Dienstverleners (KiFiD). Maar zowel banken onderling, als KiFiD beoordelen fraudegevallen nu niet eenduidig.  Uit de brief van de minister valt op te maken dat het eigen risico niet geldt voor consumenten die zich wél aan alle voorschriften van hun eigen bank houden. De Consumentenbond gaat er vanuit dat zij  hun schade volledig vergoed krijgen.

Bank verhoogt leeftijdsgrens leningen

Op aangeven van seniorenorganisatie ANBO verhoogt ABN AMRO met ingang van vandaag als eerste bank in Nederland de leeftijdsgrens voor een nieuwe leningaanvraag van 69 naar 74 jaar. ANBO-directeur Liane den Haan vindt dat leeftijd eigenlijk geen probleem zou moeten zijn. "Deze bank zet hiermee een stap in de goede richting. Hopelijk volgen er snel meer."
Mensen worden gemiddeld steeds ouder. Toch is de maximum leeftijd voor het aanvragen van een (doorlopend) krediet niet hoger geworden. Hierdoor missen senioren de financiële armslag die soms nodig is. De verhoging van de leeftijdsgrens betekent dat senioren tot en met hun 74ste een lening kunnen aanvragen bij ABN AMRO. Dit geldt voor de Persoonlijke Lening, het Flexibel Krediet en de Privélimiet Plus. Met deze laatste kun je rood staan op een betaalrekening en op dit product zit geen leeftijdsgrens meer.
Arno IJssels, directeur marketing ABN AMRO Particulieren: "Het is een misvatting dat senioren geen lening meer willen of kunnen krijgen. Soms hebben ze behoefte aan een beetje financiële armslag, omdat ze met kosten geconfronteerd worden waar ze niet op gerekend hadden."
ANBO is blij met dit initiatief van ABN AMRO. Den Haan: 'We worden ouder, en blijven langer gezond. Dan is het in onze ogen een logische stap om die leeftijdsgrens voor leningen op te hogen of zelfs helemaal te verwijderen. Leeftijd zou eigenlijk geen discussiepunt moeten zijn. Vandaar dat wij het gesprek met deze bank zijn aangegaan. Zij zetten in onze ogen hele goede stappen. Wij leggen de verantwoordelijkheid rond het hebben van een lening heel duidelijk ook bij de consument neer. Of je nu jong of oud bent, je maakt een zorgvuldige afweging. Je gaat een financiële verplichting aan, waar je voor tekent. En je accepteert daarmee de consequenties. Dat geldt dus ook voor senioren."
ABN AMRO kijkt vanuit de zorgplicht erg zorgvuldig naar leningaanvragen die binnenkomen. IJssels:"Vanaf 65 jaar weet je dat je te maken hebt met minder inkomen. Daar houden wij met het verstrekken van een lening al tijdig rekening mee. En mocht iemand al voor zijn zestigste een krediet bij ons hebben afgesloten, dan wordt er rond de 60ste verjaardag opnieuw goed gekeken of de toekomstige financiële situatie nog past bij de huidige lening."
Het komt meer voor dan je denkt. Senioren die op basis van leeftijd worden geweigerd bij het aanvragen van een lening of een autoverzekering. Of bij een ongeval een lagere uitkering krijgen, louter en alleen omdat men 70-plus is. ANBO wil een verbod op leeftijdsdiscriminatie voor goederen en diensten het liefst Europees geregeld hebben en voert daarvoor lobby in Europa via Age Platform Europe en in Nederland via het Platform Artikel 19. Maar het proces rond een Europese conceptrichtlijn uit 2008 die dit regelt, verloopt moeizaam. De seniorenorganisatie verzamelt nu voorbeelden van leeftijdsdiscriminatie onder de achterban en zal volgend jaar met een rapport komen en een expertmeeting organiseren.

donderdag 29 november 2012

Directeur Consumentenbond in commissie structuur Nederlandse banken

Bart Combée, directeur van de Consumentenbond, heeft zitting in de commissie structuur Nederlandse banken. De commissie onderzoekt in hoeverre structuurhervormingen van de Nederlandse bankensector noodzakelijk zijn. Het doel is de stabiliteit van afzonderlijke banken en het financiële systeem als geheel te waarborgen en daarbij te zorgen dat de dienstverlening ten behoeve van de economie, in het bijzonder die aan consumenten en bedrijven, geen gevaar loopt in geval van een faillissement van een bank.
Een van de opdrachten van de commissie is onderzoek te doen naar de manier waarop Nederlandse banken  gecontroleerd failliet kunnen gaan terwijl daarbij de economisch belangrijke activiteiten van de bank voortgezet worden. De commissie kijkt ook naar de aanbevelingen die de commissie-Liikanen aan de Europese Commissie deed en de toepasbaarheid daarvan in Nederland.
De bankencrisis van 2007-2008 liet zien dat de bankensector hervorming behoeft. Daarvoor heeft het kabinet in nationaal en internationaal verband de invoering van een uitgebreid hervormingspakket in gang gezet. Enkele belangrijke voorbeelden zijn verhoging van kapitaal- en liquiditeitseisen (CRD III en IV), de Interventiewet en het opstellen van herstel- en resolutieplannen.
 

92 procent kiest voor minimaal eigen risico in 2013

92 procent sluit zijn of haar zorgverzekering af met het minimaal wettelijk verplichte eigen risico van 350 euro. 6,5 procent kiest voor het maximale eigen risico van 850 euro en de overige 1,5% wordt verdeeld over de overige eigen bijdragen (450, 550, 650 en 750). Hiermee is er duidelijk een voorkeur voor een eigen risico wat zo laag mogelijk ligt, dit terwijl je op jaarbasis tot 290 euro kunt besparen door dit bedrag vrijwillig te verhogen van 350 naar 850 euro. Dit blijkt uit onderzoek van de nieuws/vergelijkingswebsite 2013zorgverzekering.nl.

Via de vergelijkmodule van 2013zorgverzekering.nl kunnen bezoekers real-time hun zorgpremie voor 2013 berekenen voor hun eigen situatie. Op deze manier konden de aantallen worden achterhaald. Door vrijwillig het eigen risico te verhogen ontvangt de verzekerde namelijk een korting op de premie. Hoe hoger je dit zet, hoe meer korting je ontvangt per maand. We hebben de 10 goedkoopste zorgverzekeringen naast elkaar gezet met een eigen risico van 350 en 850 euro en hierbij werden verschillen gemeten van ruim 24 euro in de maand. Door de eigen bijdrage op het maximale bedrag te zetten kan er dus op jaarbasis 290 euro worden bespaard op de zorgverzekering. Er van uitgaande dat men in 2013 niet tot weinig aan eigen risico moet betalen.

Reden
Toch wordt maar zeer beperkt (lees: 8 procent) gebruik gemaakt van een vrijwillig eigen risico om een premiekorting te ontvangen. Er is een aantal redenen hiervoor:

1. Veel Nederlanders zijn al jaren verzekerd bij dezelfde verzekeringsmaatschappij en hebben sindsdien nog niet tot weinig aangepast aan hun verzekeringspolis. Daarnaast is er een groep die niet eens afweet van het feit dat het eigen risico ook vrijwillig verhoogd kan worden, terwijl zij dit wellicht wel willen doen, als ze de voordelen kenden.

2. De andere - en meer logische - reden is dat Nederlanders het financiële risico te groot vinden. Want mocht er iets gebeuren in 2013, dan kan het zo zijn dat je zorgverzekeraar in een keer die 850 euro wilt claimen. Want als je kiest voor een eigen risico van 850 euro dan is het belangrijk dat je dit op ieder moment van het jaar moet kunnen betalen.

3. Tot slot zijn er genoeg Nederlanders die komend jaar verwachten veel gebruik te maken van zorg. In dat geval is het nooit financieel voordelig om een hoger eigen risico in te stellen, want dan wegen de kortingen niet op tegen de extra kosten.

Per 2014 inkomensafhankelijk
In 2013 is overigens voorlopig het laatste jaar dat het minimale eigen risico wettelijk voor iedereen hetzelfde is. De nieuwe regering gaat per 1 januari 2014 het eigen risico inkomensafhankelijk maken, waarin er drie schijven zullen zijn. Tevens is het per die datum ook niet meer mogelijk het eigen risico vrijwillig te verhogen

woensdag 28 november 2012

Nieuwe website biedt advies over het financieren van bedrijven

Deze week is de website AdviesFinanciering.nl live gegaan. De site biedt advies over alle facetten omtrent het financieren van bedrijven. Daar waarde gecreëerd wordt door te investeren met een rendement op geïnvesteerd vermogen hoger dan de kosten van kapitaal is het qua waardecreatie van enorm belang dat de financieringsstructuur past bij het rendement dat een onderneming genereert. Dit is voornamelijk bij het MKB vaak niet het geval. Aanzienlijke waardecreatie gaat hierdoor verloren.
AdviesFinanciering.nl poogt de waarde per financieringsvorm duidelijk in kaart te brengen, zodat ondernemers een gedegen oordeel kunnen vellen over de geschiktheid van de gekozen financieringen. Of het nu gaat om het aantrekken van investeerders, de waarde van leverancierskrediet, crowdfunding of de belastingvoordelen op vreemd vermogen: het komt allemaal aan bod. De geboden informatie kan direct toegepast worden door bijvoorbeeld MKB-ondernemers die hun financieringsstructuur wensen te optimaliseren.
De artikelen op de site komen deels van actualiteiten uit de praktijk die de bedrijfsovernameadviseurs die achter de site zitten meemaken en deels van vragen die gesteld worden door bezoekers. Aan de gebruiksvriendelijkheid is gedacht middels een onderverdeling in de categorieën eigen vermogen, vreemd vermogen, hybrides en als sluitpost de algemene categorie financiering. Ook is een krachtige zoekmachine toegevoegd zodat oudere artikelen evenwel goed te vinden zijn.


VEH: Maak omzetten naar spaarhypotheek ook volgend jaar mogelijk

Vereniging Eigen Huis wil dat eigenwoningbezitters met een aflossingsvrije hypotheek een eerlijke kans krijgen om hun aflossingsvrije lening binnen de huidige regels om te zetten in een (bank)spaarhypotheek.
Door de verandering van de regels per 1 januari aanstaande, waartoe de Tweede Kamer pas onlangs heeft besloten, wordt huiseigenaren de kans ontnomen om dit onder het bestaande fiscale regiem nog te doen.
De deadline van 1 januari is voor banken te kort dag om dergelijke omzettingen nog te realiseren. De loketten zijn hiervoor in feite reeds gesloten. Het gevolg is dat een huiseigenaar die zijn aflossingsvrije hypotheek wil omzetten min of meer verplicht wordt een veel duurdere annuïteitenhypotheek te sluiten. Velen zullen om deze reden hier vanaf zien. Dit is ongewenst vanuit het risico dat klanten en banken met aflossingsvrije hypotheken lopen.
Omdat de besluitvorming in de Tweede Kamer zo lang op zich heeft laten wachten kunnen adviseurs bovendien niet voldoen aan hun zorgplicht tegenover klanten. Deze behoren door hun adviseur geïnformeerd te worden over de gevolgen van belangrijke fiscale wijzigingen en de mogelijkheden hierop te anticiperen.
Daarom wil de vereniging dat huizenbezitters die een aflossingsvrije hypotheek willen omzetten naar een (bank)spaarhypotheek tot 1 juni 2013 gebruik kunnen maken van een overgangsregeling. Gerelateerd aan de bestaande situatie is dit een maatregel die de schatkist niets kost.
Het totale bedrag aan aflossingsvrije hypotheken bedraagt 350 miljard euro, ofwel ruim de helft van de totale Nederlandse hypotheekschuld van 670 miljard. Meer dan 2,5 miljoen huiseigenaren hebben een (deels)aflossingsvrije hypotheek. Omdat dit jaar al 700.000 huishoudens hypothecair onder water staan is het aanpassen van een aflossingsvrije hypotheek voor velen actueel en voor sommigen urgent.
Door de voorspelde verdere daling van de huizenprijzen zal het aantal hypotheken onder water toenemen tot circa 1 miljoen. Voor deze groep eigenaren, maar ook voor andere huishoudens, kan het verstandig zijn hun hypotheek om te zetten naar een veilige (bank)spaarhypotheek. Het is echter raadzaam om hierover eerst bij een financieel adviseur advies te vragen.

dinsdag 27 november 2012

Triodos Bank als eerste bank in Nederland over op IBAN

Triodos Bank is als eerste bank in Nederland overgestapt op IBAN, het International Bank Account Number. Vanaf deze week maken klanten van Triodos Bank voor bankieren via internet alleen nog maar gebruik van IBAN. Daarmee is de bank klaar voor de nieuwe Europese standaard die in 2014 voor iedereen gaat gelden.
De overstap is gemaakt voor alle zakelijke en particuliere klanten van Triodos Bank; in Nederland zijn dat er ruim 220.000. Alle klanten worden zorgvuldig begeleid bij deze overstap. De bank heeft het rekeningnummer en daarnaast de adresboeken met overboekingadressen van alle klanten in de internetbankieren-omgeving omgezet naar IBAN. Wanneer een klant geld wil overmaken naar iemand waarvan het IBAN niet bekend is, kan deze dit via een pop-upscherm eenvoudig zelf achterhalen. Ook acceptgiro's en een aantal andere betaalproducten zullen op korte termijn worden omgezet naar het nieuwe rekeningnummer.
Triodos Bank is een relatief kleine bank waar de betrokken disciplines dicht bij elkaar zitten en de lijnen kort zijn. Teamleider betalingsverkeer Marije Anten: "Omdat we alles wat voor de overstap nodig was in eigen huis hebben ontwikkeld, waren we niet afhankelijk van doorlooptijden van externe leveranciers. Dit betekent dat je sneller kunt schakelen dan grote banken en zo konden wij als eerste IBAN volledig doorvoeren." Triodos Bank heeft haar klanten op verschillende manieren geïnformeerd, o.a. via haar e-zine, mailings en een pop-up in de internetbankieren-omgeving. Anten: "We realiseren ons dat het voor sommigen toch best nog even wennen zal zijn. Wij zijn nu als eerste bank over op IBAN, maar het zal niet lang duren of iedereen in Nederland vindt het nieuwe rekeningnummer de gewoonste zaak van de wereld."
IBAN wordt op dit moment bijna overal in Europa ingevoerd om het betalingsverkeer tussen landen te vereenvoudigen en te komen tot een Single Euro Payments Area (SEPA). Dit is één gezamenlijke betaalmarkt waar overal op dezelfde manier kan worden betaald. Door alle bestaande rekeningnummers om te zetten naar een IBAN nummer, zullen overschrijvingen, incasso's en betaalpassen zowel voor binnenlandse als grensoverschrijdende eurobetalingen binnen SEPA te gebruiken zijn. IBAN wordt nu nog vooral voor grensoverschrijdende betalingen gebruikt, maar na 1 februari 2014 kan ook voor binnenlandse overschrijvingen alleen nog IBAN worden gebruikt.

Het IBAN rekeningnummer is in elk land volgens hetzelfde stramien opgebouwd. Het bestaat uit het huidige rekeningnummer, dat vooraf wordt gegaan door de landcode (NL voor Nederland), een controlegetal (twee cijfers), een code van de bank (in Nederland vier letters; voor Triodos Bank is dat TRIO) en één of meerdere nullen. In Nederland bestaat IBAN uit 18 tekens, in andere landen varieert dit van 15 tot maximaal 34 tekens

Polis komt uit de kast

De autoverzekering is een grote kostenpost, gemiddeld betalen we 450 euro per jaar. Toch verdwijnt de polis van de autoverzekering bij 80 procent van de Nederlanders in de la of de bekende polismap terwijl consumenten honderden euro's kunnen besparen. Allsecur autoverzekeringen doopte daarom de maand november om tot de maand van Het Grote Besparen. Het effect is na ruim twee weken al meetbaar: er zijn nu al twee keer zoveel premieberekeningen bij Allsecur gemaakt.
De voorgenomen maatregelen van het kabinet om te bezuinigen raakt iedere Nederlander. Dit besef dringt langzaam door en lijkt zelfs de aandacht op financiële producten te leggen. De drang om te besparen wordt bij veel consumenten steeds groter. Allsecur ziet sinds begin november een toename van 75 procent aan telefoontjes en twee keer zoveel websitebezoek.
Johan Van den Neste, marketing manager Allsecur autoverzekeringen: "In de eerste twee weken van de campagne zagen wij al een verdubbeling van het aantal premieberekeningen. Deze lijn stijgt nog verder. De mensen die in de afgelopen periode ons belden, bespaarden gemiddeld 180 euro per jaar. Het NMa riep dit bedrag in oktober ook al. Dat is toch snel verdiend met sinterklaasavond voor de deur. De forse verhoging van ruim 11% van de assurantiebelasting in 2013 zorgt er ook voor dat de consument gaat rekenen. Wij merken het hier volop: de broekriem wordt op alle fronten aangetrokken."

KPMG: 'Beurshandel is steeds vaker strijd om snelste handelssystemen'

De internationale beurshandel groeit in toenemende mate uit tot een strijd om de beste en snelste handelssystemen. High frequency trading, dat het mogelijk maakt binnen korte tijd te profiteren van minieme koersverschillen, bepaalt wereldwijd een steeds groter deel van alle beurstransacties.
Daarnaast krijgt de internationale beurshandel in toenemende mate te maken met nieuwkomers, die in het algemeen 'lean and mean' opereren en erin slagen in korte tijd een groot deel van het handelsvolume naar zich toe te trekken. "Het internationale speelveld van beurzen en handelsplatforms is de laatste jaren ingrijpend veranderd", zegt Age Lindenbergh, Global Coordinator Exchanges Partner bij KPMG. Lindenbergh: "Scherpere regulering, feller toezicht en een technologie die zich in snel tempo ontwikkelt, dwingt het bestuur van internationale beurzen ertoe scherpe keuzes te maken."
Als gevolg van de opkomst van de BRIC-landen, de voortdurende schuldencrisis, de terugvallende handelsvolumes, steeds krapper wordende marges en de fors toenemende regelgeving opereren de beurzen in een sterk veranderde omgeving. Lindenbergh: "Daarnaast hebbend de beurzen te maken met ingrijpende verandering op IT-gebied. Matching tussen vraag en aanbod vindt allang niet meer plaats op de traditionele beurs alleen. De Multilateral Trading Facility heeft vaak de prijsvorming, het 'market making' overgenomen. Dat betekent dat 'issuers' veelal een beursnotering hebben op een officiële beurs, maar dat de handel plaatsvindt op een alternatief platform. Dit leidt tot discussies of dit wel wenselijk is. Prijsvorming wordt immers beter als je vraag en aanbod op één plaats samenbrengt.
Anderzijds, als een partij een grote transactie wil doen en als alleen om dat feit de prijs gaat bewegen vindt een koper of verkoper dat doorgaans niet prettig." Dit leidt tot transacties via dark pools waarbij grote pakketten aandelen worden verhandeld zonder dat dit de prijs beïnvloedt, buiten het orderboek van de beurs om. Daarnaast heeft de snelle toename van handelsvolumes ook geleid tot een toename van het aantal storingen op beursplatforms wereldwijd. Voor bestuursleden van beurzen wereldwijd is de robuustheid van handelssystemen dan ook één van de topprioriteiten geworden."
Het veranderde speelveld dwingt bestuurders er volgens Lindenbergh toe om keuzes te maken. Lindenbergh: "Veel beurzen zijn in feite supermarkten geworden met een bleek profiel. Dat maakt het voor klanten lastig om hun toegevoegde waarde in te zien. Beurzen zullen zich moeten gaan richten op specifieke stakeholders of bepaalde expertise.
Nieuwe regels om klanten beter te beschermen, het verbieden van short-selling en Basel III beïnvloeden het gedrag van beurzen en hun klanten. Het is echter opvallend dat er op het gebied van regelgeving geen coördinatie lijkt te bestaan tussen nationale en multinationale organen en tussen regio's in Europa. Dat betekent dat er dus nationale regels zijn die het handelsvolume lokaal beïnvloeden of de operaties van de beurs zelf. Bij grensoverschrijdende beurzen in Europa ben je als beursbestuurder dus aan het schaken op meerdere schaakborden. Dat vraagt veel van je expertise op het gebied van de IT-infrastructuur, risk, compliance en backoffice."

maandag 26 november 2012

Nederlandse banken financieren gigastal voor plofkippen in Oekraïne

Nederlandse financiële instellingen zijn betrokken bij de financiering van een megastal voor vleeskippen van ongekende grootte in Oekraïne. Dit blijkt uit onderzoek van Profundo in opdracht van de Dierenbescherming. “Terwijl in Nederland de plofkip ter discussie staat en diervriendelijker productie in opmars is, varen onze banken een andere koers in Oost-Europa”, concludeert Frank Dales, directeur van de Dierenbescherming. Hij vindt dat onbegrijpelijk, zo bleek vrijdagavond uit een reportage in Nieuwsuur.
Het actualiteitenprogramma bezocht onlangs het zogenaamde Vinnytsia-complex in het westen van Oekraïne, dat met een jaarproductie van 444 miljoen kilogram kippenvlees per jaar het grootste stallencomplex van Europa moet worden. In 2018 worden daar elke dag 35 miljoen vleeskuikens gehouden; in geheel Nederland zijn dat er 44 miljoen. De Tweede Kamer sprak zich al eerder uit tegen betrokkenheid van de overheid bij deze gigastal.
Vooral Rabobank en in mindere mate ING Bank, ABN AMRO, het Pensioenfonds Zorg en Welzijn en het Spoorwegpensioenfonds zijn betrokken. Dales heeft ze inmiddels per brief gevraagd om tekst en uitleg. “Ik wil in gesprek over de verder betrokkenheid van deze financiële instellingen bij dergelijke veehouderijcomplexen”. Als één van de initiatiefnemers van de Eerlijke Bankwijzer volgt de Dierenbescherming banken nauwgezet op het gebied van dierenwelzijn.
Rabobank Nederland heeft volgens Profundo voor meer dan 137 miljoen euro geïnvesteerd in Myronivsky Hliproduct (MHP), het moederbedrijf van het Vinnytsia-complex. Daarvan is vorig jaar en dit jaar 56 miljoen in de kippenfabriek zelf gestoken. “De Dierenbescherming is dan ook zeer teleurgesteld dat uw bank zo’n grote betrokkenheid heeft bij de ontwikkeling van deze gigastal”, schrijft de Dierenbescherming in haar brief aan Rabobank. De vier andere betrokken financiële instellingen hebben een vergelijkbare brief ontvangen.
Volgens de Dierenbescherming past de steun van Rabobank niet binnen de normen die het bedrijf zelf heeft opgesteld in hun ‘Position Paper Veehouderij’. “Als dienstverlenende organisatie wil Rabobank vanuit haar betrokkenheid bijdragen aan een veehouderij die duurzaam is voor milieu en economie en een breed maatschappelijk draagvlak heeft”, verklaart de bank. Dales in zijn brief: “de fabrieksmatige productie van plofkippen op deze schaal staat in schril contrast met de opvattingen in uw eigen stuk, waarin u tevens stelt dat het welzijn van het dier centraal staat”.

Juist nu een huis kopen met fiscaal voordeel

Veel potentiële huizenkopers stellen hun beslissing om een huis te kopen uit. Dit kwam o.a. door de fiscale onzekerheid voor wat betreft de (toekomstige) renteaftrekmogelijkheden. Nu daar duidelijkheid over is, is er de komende weken nog een zeer aantrekkelijke mogelijkheid om fiscaal voordeel te behalen. Dit omdat de fiscale spelregels na 1 januari 2013 drastisch gaan veranderen.
Het huidige hypotheekregime heeft verschillende mogelijkheden, waarbij dikwijls het uitgangspunt is dat de hypotheekschuld, al dan niet fictief, blijft bestaan gedurende 30 jaar. De rente die daarmee gemoeid is, blijft aftrekbaar voor de inkomstenbelasting. Een bankspaarhypotheek is daar een goed voorbeeld van:
Vanaf 1 januari 2013 dient men uitsluitend een annuïtaire en/of een lineaire hypotheek af te sluiten. Dit houdt in dat het schuldbedrag na 30 jaar stapsgewijs volledig is afgelost. Dat betekent ook dat ieder jaar het fiscale voordeel minder wordt.
Zoals het er nu naar uit ziet kunnen bestaande hypotheken worden meegenomen naar een andere woning. Huiseigenaren die na 1 januari een nieuwe woning willen kopen zullen er daarom relatief weinig hinder van ondervinden. Het zijn voornamelijk starters (geen hypotheekschuld), die het grootste nadeel gaan ondervinden.


vrijdag 23 november 2012

Pensioeninformatie wordt toegankelijker

De pensioensector wil het huidige stuwmeer aan wettelijke communicatieverplichtingen terugbrengen tot een overzichtelijk, samenhangend minimum. De Pensioenfederatie en het Verbond van Verzekeraars ontwikkelen daarom samen Pensioen 1-2-3, een nieuw communicatie-instrument in drie lagen. Laag 1 geeft met eenvoudige iconen en korte teksten inzicht in de belangrijkste kenmerken van de eigen pensioenregeling. Per deelonderwerp is meer informatie beschikbaar in laag 2. Voor de echte liefhebber is er laag 3, met daarin alle ins en outs van de pensioenregeling. Deze nieuwe aanpak is door een testpanel inmiddels zeer positief beoordeeld. Pensioen 1-2-3 moet in 2014 de huidige startbrief vervangen en wellicht ook de toelichting op het uniform pensioenoverzicht (UPO). Vandaag, tijdens het jaarcongres van de Pensioenfederatie, overhandigden voorzitter Kick van der Pol van de Pensioenfederatie en directeur Harold Herbert van het Verbond van Verzekeraars het prototype van laag 1 van Pensioen 1-2-3, aan staatssecretaris Jetta Klijnsma van SZW.
Hoge prioriteit voor de Pensioenfederatie in 2013, is het wettelijk vastleggen dat de pensioenleeftijd in de toekomst kan meestijgen met de levensverwachting, zo stelde Van der Pol. Ook moeten de pensioencontracten compleet worden gemaakt: welk scenario geldt er als het slechter gaat én welk scenario als het juist beter gaat dan verwacht. De Pensioenfederatie wil in het nieuwe toetsingskader ruimte voor contracten met verschillende risicoprofielen en uiteenlopende indexeringsambities. In het huidige voorstel is die ruimte er niet.
Ook moeten invaarrisico's wettelijk worden ondervangen en niet bij de afzonderlijke fondsen terechtkomen. Van der Pol benadrukte dat vooral jongeren de dupe zijn van de kabinetsplannen om de ruimte voor pensioenopbouw fors te beperken. Hij onderstreepte dat in tijden waarin veel fondsen de broekriem moeten aanhalen en tientallen fondsen begin 2013 verlaging van de pensioenen moeten doorvoeren, het evenwichtige afwegen van de belangen van alle werknemers en gepensioneerden een kerntaak voor de pensioenbestuurders is. Dit voorkomt een diepere kloof tussen wat deelnemers verwachten aan pensioen op te bouwen en wat ze uiteindelijk krijgen. Ook hier zal een groot beroep worden gedaan op adequate communicatie met deelnemers en de samenleving. Dat vergt een sterke bestuurlijke organisatie. Al met al voldoende uitdagingen waarmee de pensioensector voortvarend aan de slag zal gaan.

donderdag 22 november 2012

Helft Nederlanders praat niet met partner over inkomensgevolgen bij overlijden

Vijftig procent van de werkende Nederlanders bespreekt niet met zijn partner wat de inkomensgevolgen voor de nabestaanden zijn als zij komen te overlijden. Van de ondervraagden verwacht 43 procent dat het inkomen voor hun nabestaanden er op maandbasis 300 tot meer dan 650 euro op achteruit zal gaan. Ruim één derde van de Nederlanders (37 procent) heeft zelfs geen idee wat de financiële gevolgen voor de nabestaanden kunnen zijn wanneer zij overlijden tijdens hun werkende leven. Dit blijkt uit onderzoek van Loyalis, onderdeel van APG, onder 1.154 werkende Nederlanders.
Naast een inkomensval verwacht 32 procent dat hun nabestaanden in het dagelijks leven daarbij met extra kosten te maken krijgen. Joop Kanen, directievoorzitter Loyalis: "Als iemand tijdens zijn werkende leven overlijdt, is de financiële klap voor de nabestaanden vaak groot. Het inkomen daalt dikwijls met honderden euro's. We horen regelmatig dat nabestaanden niet wisten dat het financiële gat niet goed was afgedekt. Uit ons onderzoek blijkt dat veel mensen niet weten hoe ze hun nabestaanden financieel achter zouden laten en ook niet dat ze zich tegen inkomensverlies kunnen indekken. Ze vinden het een gevoelig en lastig te begrijpen onderwerp. Om die reden zijn we een bewustwordingscampagne gestart."
Er bestaat veel onduidelijkheid over bestaande regelingen van overheid (ANW) en via werkgever. Van de werknemers die zelf regelingen hebben getroffen, heeft 23 procent geen idee of de inkomsten hieruit voor hun nabestaanden voldoende zijn. Joop Kanen, directievoorzitter Loyalis: "Een verzekering om een financieel gat tegen te gaan bij je nabestaanden is één van de weinige verzekeringen die je niet voor jezelf regelt. Het is een gevoelig onderwerp. Veel mensen denken te weten dat er wel iets geregeld is, maar weten vaak niet wat. Het financieel regelen van de begrafenis is te overzien, in de mogelijk grote financiële gevolgen erna verdiept men zich niet. Het gaat er dan bijvoorbeeld om of de nabestaanden nog wel in het huis kunnen blijven wonen, of dat er voldoende middelen zijn om de kinderen te kunnen laten studeren. Het zou goed zijn als mensen zich hierin eerder en beter verdiepen."

Over het onderzoek:
Onderzoeksbureau RMI heeft begin oktober 1.154 Nederlanders ondervraagd die betaald werk verrichten. Het onderzoek heeft plaatsgevonden door de vragenlijst voor te leggen aan een online panel.

woensdag 21 november 2012

Aegon CFO Jan Nooitgedagt treedt terug

Jan Nooitgedagt (59) heeft besloten om aan het eind van zijn termijn terug te treden als Chief Financial Officer van Aegon, in lijn met de pensioenafspraken voor leden van de Raad van Bestuur. De Raad van Commissarissen van Aegon N.V. zal tijdens de Algemene Vergadering van Aandeelhouders op 15 mei 2013 Darryl Button (43, Canadees) voordragen als zijn opvolger en lid van de Raad van Bestuur. Darryl Button is op dit moment Executive Vice President en hoofd van het Corporate Financial Center van Aegon. Daarvoor was Darryl Button acht jaar CFO van Aegon Amerika. De benoeming van Darryl Button is onder voorbehoud van goedkeuring door de Nederlandsche Bank.
Met ingang van 1 januari 2013 zal Tom Grondin, Chief Risk Officer (43, Canadees), toetreden tot de Management Board van Aegon. Tom Grondin is sinds 2003 Chief Risk Officer. Zijn benoeming onderstreept het belang van risicomanagement voor het bedrijf. De Management Board zal vanaf januari bestaan uit de CEO, CFO en CRO van Aegon N.V. en de CEO's van Aegon Amerika, Aegon Nederland, Aegon UK en Aegon Centraal & Oost Europa.
"

dinsdag 20 november 2012

'Zorgpremie Terug' geeft half jaar zorgpremie terug aan consument

Vanaf 1 december is het voor consumenten mogelijk om in 2013 gedurende zes maanden hun zorgpremie terug te krijgen wanneer zij hun lening voor 31 december 2013 oversluiten naar 'Zorgpremie Terug'. Zorgpremie Terug onderscheid zich van andere tussenpersonen door als eerste en enige in Nederland de klanten zes maanden lang de basispremie voor hun zorgverzekering terug te geven. Deze premie teruggave kan voor consumenten zeer interessant zijn, aangezien het gaat om een bedrag van circa Euro 663,- euro over zes maanden. Deze premie teruggave zal maandelijks geschieden, ongeacht bij welke zorgverzekeraar men klant is. Via de website www.zorgpremieterug.nl kunnen consumenten meer informatie aanvragen.
Consumenten met een lening kunnen - zonder enige bijkomende kosten - eenvoudig overstappen naar 'Zorgpremie Terug', waardoor zij maandelijks de basispremie voor de zorgverzekering terugkrijgen. Het maakt niet uit of de klant een lening heeft bij de Rabobank, ING, Interbank, ABN of Fortis: iedereen met een lening komt in aanmerking.
Het kantoor werkt samen met een aantal grote en landelijk bekende kredietverstrekkers, waaronder Defam, Interbank en De Nederlandse Voorschotbank.
Bij 'Zorgpremie Terug' kan men niet alleen terecht voor teruggave premie van de basisverzekering in 2013, maar ook voor kwalitatief goed en voor de klant begrijpelijk advies. Er worden geen kosten gerekend voor de advisering of bemiddeling in eventuele verzekeringen bij de lening.
Naast de premie teruggaaf kunnen klanten ook profiteren van een lagere rente op hun lening, waardoor ze deze sneller af kunnen lossen. Voor de klant dus dubbel voordeel: geld terug van de verplichte zorgverzekering en een voordeligere lening.
Dit aanbod geldt niet alleen bij het oversluiten van een lening, ook consumenten die een nieuwe lening willen afsluiten komen in aanmerking om de zorgpremie terug te krijgen.

maandag 19 november 2012

Consument kan in 2013 meer dan 500 euro besparen op zorgverzekering

Uiterlijk vandaag mogen zorgverzekeraars nog hun premies voor 2013 bekend maken. Dan kan het grote vergelijken beginnen. De meeste verzekeraars hebben al hun premies bekend gemaakt en het goede nieuws is: je kunt als consument tot ruim 500 euro per jaar besparen op de zorgverzekering. Dit blijkt uit cijfers van vergelijkingssite Geld.nl. Het verschil tussen de goedkoopste en de duurste basisverzekering bedraagt, volgens de site, ruim 320 euro per jaar. “Daar komt nog eens bij dat het verhogen van het eigen risico een besparing tot gemiddeld 224 euro per jaar kan opleveren”, voegt Amanda Bulthuis van Geld.nl hier aan toe.
Gemiddeld kost een basiszorgverzekering in 2013 ruim 1.250 euro per jaar. Maar de verschillen zijn groot. Bij de goedkoopste verzekeraar, Zekûr van Univé, betaal je 92,50 per maand en bij de duurste verzekering, Zilveren Kruis Achmea Selectief Polis, betaal je 118,50 per maand. “Dit scheelt per jaar dus  320 euro. Dus overstappen loont”, stelt Bulthuis. “En voor de dekking  hoef je het ook zeker niet te laten. De vergoedingen in de basisverzekering zijn immers door de overheid vastgesteld en dus bij elke verzekeraar nagenoeg hetzelfde.”
Ook door het eigen risico te verhogen, kan de consument, volgens Geld.nl, honderden euro’s besparen per jaar. Elke Nederlander heeft in 2013 een verplicht eigen risico van 350 euro per jaar. Dit wil zeggen dat je de eerste 350 euro van de gemaakte zorgkosten zelf moet betalen. Daar bovenop kun je kiezen voor een vrijwillig eigen risico tussen de 100 en 500 euro. In ruil voor een hoger eigen risico geven verzekeraars een korting op de premie. Deze kan oplopen tot gemiddeld 224 euro per jaar voor wie een vrijwillig eigen risico van 500 euro heeft. Maar ook bij een vrijwillig eigen risico van 100 euro kan al gemiddeld 40 euro per jaar worden bespaard.
“Het verhogen van je eigen risico is vooral financieel aantrekkelijk voor mensen die nauwelijks gebruik maken van zorg”, zegt Bulthuis. “Maar het vraagt wel om een goede afweging. Als je namelijk met onverwacht hoge zorgkosten te maken krijgt en je hebt gekozen voor een vrijwillig eigen risico van 500 euro, kun je tot wel 850 euro zelf moeten betalen. Het is daarom ook verstandig wat geld achter de hand te houden voor onverwachte zorgkosten.”
Naast een goedkope basisverzekering kiezen en het verhogen van het eigen risico, zijn er nog tal van andere zaken waar je als consument op kunt besparen als het gaat om de basisverzekering. “Kijk bijvoorbeeld eens kritisch naar je aanvullende verzekeringen”, adviseert Bulthuis. “Als je een aanvullende zorgverzekering hebt en hier het afgelopen jaar geen gebruik van hebt gemaakt of slechts enkele euro’s vergoed hebt gekregen, dan kan het verstandig zijn deze verzekering op te zeggen.” Daarnaast zijn sommige zorgkosten zo laag dat het misschien wel goedkoper is deze zelf te betalen dan je aanvullend te verzekeren, hierbij kun je denken aan consulten voor de tandarts of het gebruik van de anticonceptiepil.

Kabinet gaat derivatenhandel aan banden leggen

Het kabinet komt met voorstellen om het risicovol gebruik van derivaten bij (semi)-publieke instellingen tegen te gaan. Hiermee moet het speculeren met publiek geld aan banden worden gelegd. Dat schrijft minister Dijsselbloem van Financiën in antwoord op vragen van de Tweede Kamer.
Met deze voorstellen zal invulling worden gegeven aan een belangrijke afspraak in het regeerakkoord om het risicovol speculeren met publiek geld te verbieden. Dat betekent in ieder geval dat derivaten alleen nog maar risico’s van toekomstige renteschommelingen van geleend geld mogen afdekken. In overleg met de betrokken ministeries worden deze voorstellen begin 2013 aan de Kamer voorgelegd.

KPMG: 'Fiscaliteit speelt nauwelijks rol bij investeringsbeslissing pensioenfonds'

Nederlandse pensioenfondsen laten zich bij investeringsbeslissingen nauwelijks leiden door fiscale overwegingen. Hoewel de fiscaliteit in toenemende mate een potentieel risico vormt voor het rendement op met name buitenlandse investeringen en fiscale verplichtingen voor veel pensioenfondsen een enorme last kunnen vormen, spelen de fiscale gevolgen van belangrijke investeringsbeslissingen nauwelijks een rol van betekenis. Dit blijkt uit jaarlijks onderzoek van KPMG onder honderd Nederlandse pensioenfondsen. Van de onderzochte fondsen geeft bijna 90% aan dat het beoordelen van de fiscale gevolgen geen of een beperkte rol speelt wanneer belangrijke investeringsbeslissingen moeten worden genomen. Daarnaast speelt het minimaliseren van de belastingheffing geen enkele rol wanneer investeringsbeslissingen moeten worden genomen. Dit betekent dat de fondsen enerzijds nauwelijks profiteren van de fiscale faciliteiten die in het algemeen in het buitenland gelden en anderzijds slechts in beperkte mate gebruik maken van investeringsvehikels om de belastingheffing te beperken.
"Pensioenfondsen staan al jaren onder druk om hun beleggingsrendementen te verhogen en daarmee hun dekkingsgraad te verbeteren", constateert Erwin Nijkeuter van KPMG Meijburg & Co. Nijkeuter: "De fondsen staan dan ook voor de uitdaging om de investeringsstructuur zodanig in te richten dat de fiscale gevolgen worden geminimaliseerd en het rendement wordt geoptimaliseerd. Er zijn verschillende mogelijkheden om met de juiste structurering van investeringen de belastingheffing te minimaliseren. Door bij het opzetten van een investeringsstructuur bijvoorbeeld al rekening te houden met bronheffingen kunnen deze vaak volledig worden vermeden. Ook fiscale aangifte verplichtingen kunnen een behoorlijke last vormen, zowel in financieel als organisatorisch opzicht. Ook hier is het zaak om goed te analyseren hoe deze last kan worden beperkt."
Voor Nederlandse pensioenfondsen geldt dat zij in Nederland zijn vrijgesteld van vennootschapsbelasting. Nijkeuter: "De gedachte hierbij is dat zij naar hun aard geen winst maken, maar deze ten goede laten komen aan uitkeringsgerechtigden in de vorm van lagere premies of hogere uitkeringen. Deze vrijstelling zorgt er mede voor dat pensioenfondsen vaak relatief weinig aandacht hebben voor belastingheffing over beleggingsinkomsten. Nu pensioenfondsen echter steeds vaker in het buitenland investeren en dit in toenemende mate doen via beleggingsfondsen waarin ook andere investeerders participeren, is de vrijstelling van belastingheffing en de afwezigheid van fiscale aangifteverplichtingen in binnen- en buitenland niet langer vanzelfsprekend. Dat betekent dat het inzicht in de fiscale gevolgen steeds belangrijker wordt."
Volgens Nijkeuter kennen andere landen in het algemeen fiscale vrijstellingen voor pensioenfondsen die lijken op de Nederlandse vrijstellingen. Nijkeuter: "Toch blijkt het in de praktijk vaak lastig voor Nederlandse pensioenfondsen met beleggingen in het buitenland om met succes een beroep te kunnen doen op de daar geldende vrijstellingen voor pensioenfondsen. Veel landen eisen dan namelijk dat een pensioenfonds moet voldoen aan alle lokale wet- en regelgeving voor pensioenfondsen. Deze buitenlandse wet- en regelgeving is vaak erg ingewikkeld. Als een pensioenfonds hieraan wil voldoen, legt dit een groot beslag op de administratieve afdeling van het pensioenfonds. Dit beslag groeit als men te maken krijgt met meerdere landen. In de praktijk heeft dit vaak tot gevolg dat pensioenfondsen er voor kiezen in het buitenland geen beroep te doen op de vrijstelling voor pensioenfondsen en daar dus belasting te betalen. Dat is jammer omdat dit het rendement op de investering verlaagt, terwijl fiscale wet- en regelgeving doorgaans de mogelijkheid biedt om de belastingheffing over beleggingsinkomsten te beperken."

vrijdag 16 november 2012

KPMG: 'Pensioenfondsen kunnen meer inzicht geven in renterisico'

Nederlandse pensioenfondsen kunnen meer inzicht geven in de wijze waarop zij omgaan met het renterisico. Hoewel een meerderheid van de fondsen in de jaarrekening aangeeft in hoeverre zij het renterisico procentueel willen afdekken, besteden de fondsen veel minder aandacht aan de overwegingen die ten grondslag liggen aan de keuze voor een bepaald percentage van afdekking.
Daarnaast geven veel fondsen in hun jaarrekening aan welke instrumenten zij gebruiken om het renterisico af te dekken. De precieze werking van instrumenten blijkt echter niet altijd duidelijk uit de jaarrekening. Hoewel in het algemeen een definitie wordt gegeven van de instrumenten, wordt uit de jaarrekening niet duidelijk hoe en in elke mate zij bijdragen een de renteafdekking. Dit blijkt uit onderzoek van KPMG onder de 25 grootste Nederlandse pensioenfondsen naar de vraag in hoeverre zij belanghebbenden informeren over het gevoerde renterisicobeleid.
Uit het onderzoek blijkt dat 80 procent van de onderzochte pensioenfondsen expliciet in de jaarrekening aangeeft in hoeverre zij het renterisico willen afdekken. Niet meer dan de helft van de fondsen besteedt daarbij echter ook aandacht aan de afwegingen die ten grondslag liggen aan de keuze van een bepaald percentage. Pensioenfondsen die het renterisico niet volledig afdekken, geven in het algemeen aan dat dit niet past binnen de reële rendementsdoelstelling van het fonds.
"Meer afdekking brengt immers extra kosten met zich mee", zegt Frans Glorie van KPMG Financial Services. Glorie: "Dit kan ten koste van het indexatievermogen van het fonds. Bovendien wordt zo de herstelkracht, de mogelijkheid om te profiteren van rentestijgingen, beperkt."
Pensioenfondsen hebben een aantal instrumenten tot hun beschikking om het renterisico af te dekken in overeenstemming met het gekozen beleid. Ruim 90 procent van de fondsen geeft expliciet in de jaarrekening aan welke afdekkingsinstrumenten zij gebruiken. "Vanzelfsprekend investeren alle onderzochte pensioenfondsen in langlopende staatsobligaties", constateert Glorie.
Glorie: "Hiermee wordt de duur van de beleggingen meer in lijn gebracht met de duur van de pensioenverplichtingen. Met name investeringen in Nederlandse en Duitse staatsobligaties blijken veel voor te komen. Met alleen staatsobligaties kunnen de fondsen de duur van de beleggingen niet voldoende verlengen om deze in lijn te brengen met de duur van de verplichtingen. Mede om deze reden maakt een overgrote meerderheid van de fondsen gebruik van renteswaps. Daarnaast maakt 40% van de fondsen gebruik van swaptions. Caps, floors en forwards worden door de fondsen nauwelijks ingezet om renterisico’s af te dekken."
Bij het benoemen van de afdekkingsinstrumenten die het pensioenfonds gebruikt, verdient het volgens Glorie aanbeveling om in de jaarrekening duidelijk te maken of derivaten worden afgesloten op basis van algemeen geaccepteerde standaarden, zoals de ISDA (International Swap Derivatives Association) of de RFD (Raamovereenkomst Financiële Derivaten).
Glorie: "Op basis van deze voorwaarden kan het fonds toelichten welke rechten en plichten voortvloeien uit het gebruik van de instrumenten, bijvoorbeeld in het kader van het verstrekken of opeisen van extra zekerheden. Bovendien kan zo worden ingegaan op aanvullende risico’s die het gebruik van derivaten met zich meebrengt, zoals het liquiditeitsrisico. Daarnaast zijn er juridische risico’s, die met name optreden bij complexere structuren. Een belangrijke rol is tot slot ook weggelegd voor het tegenpartijrisico. De kans is immers altijd aanwezig dat de contractuele tegenpartij niet aan haar overeengekomen verplichtingen kan voldoen."

donderdag 15 november 2012

Celstraf voor malafide wijnhandel

Twee mannen en een vrouw die beleggers in wijn hebben opgelicht, moeten de gevangenis in. De rechtbank Amsterdam heeft de verdachten in de zaak Bordeaux Advisory veroordeeld tot respectievelijk drieënhalf jaar, twintig maanden en achttien maanden celstraf. De rechtbank acht bewezen dat zij een groot aantal beleggers in wijn voor soms aanzienlijke bedragen hebben opgelicht.
De mannen spiegelden beleggers bij de aankoop van wijn met fraaie brochures en gladde verkooppraatjes hoge rendementen voor. Daarbij gaven ze de garantie dat beleggers de wijn weer konden terugverkopen aan Bordeaux Advisory of een speciaal daarvoor opgericht fonds. Zij zouden dan het inleggeld terugkrijgen. Van meet af wisten de oplichters echter dat daarvoor onvoldoende geld beschikbaar was.
In totaal hebben beleggers in de periode van 2002 tot 2007 voor ruim negentien miljoen euro aan wijn gekocht. De curator in het faillissement van Bordeaux Advisory heeft de in een depot in Frankrijk aangetroffen wijn echter maar voor een half miljoen euro kunnen verkopen. Hoewel de beleggers werd voorgehouden dat het door hen ingelegde geld in wijn zou worden gestoken, is het voor een groot deel verdwenen, vooral omdat de oplichters beleggers een veelvoud van de werkelijke waarde lieten betalen voor de wijn.
Van de winsten die de betrokkenen bij de oplichting hebben weggesluisd, is vooralsnog niet veel achterhaald. Beleggers zijn door dit alles soms hun hele spaargeld of pensioen kwijtgeraakt. Een aantal van hen is totaal geruïneerd en velen ondervinden aanzienlijke ellende als gevolg van de grote verliezen. De rechtbank is tot de conclusie gekomen dat alleen een gevangenisstraf aan de omvang van de oplichting en de gevolgen voor de slachtoffers recht doet. Daarnaast heeft zij de hoofdverdachte veroordeeld tot vergoeding van schade aan een aantal beleggers.

Belastingdienst waarschuwt voor btw-fraude bij handel in kathoden

De Belastingdienst waarschuwt ondernemers in onder andere de metaal- en elektrobranche uit te kijken voor fraudeurs bij de handel in koper kathoden. De FIOD ontving van de collega’s uit Engeland en Duitsland signalen dat er gefraudeerd wordt met deze elektronicacomponent. Om te voorkomen dat nette ondernemers onbedoeld slachtoffer worden van deze fraudeurs ontvangen zij een brief waarin ze wordt uitgelegd hoe mogelijk misbruik kan worden herkend. Fraudesignalen kunnen worden doorgegeven via de BelastingTelefoon.
“De aanpak van BTW-fraude staat hoog in het vaandel van de Belastingdienst en de FIOD. We moeten voorkomen dat nette ondernemers buiten hun schuld om bij manipulaties van malafide partijen worden betrokken, vandaar deze brief. De fiscus houdt de situatie scherp in de gaten.”, aldus staatssecretaris Frans Weekers van Financiën.
Bij carrouselfraude draagt een ondernemer geen btw af aan de Belastingdienst, terwijl hij bij zijn afnemers wel btw in rekening brengt. Ondernemers die ongewild betrokken raken bij carrouselfraude, kunnen te maken krijgen met vervelende gevolgen. Zo kan de aftrek van de aan hen in rekening gebrachte btw worden geweigerd. Om dat te voorkomen, legt de Belastingdienst in een brief uit hoe ondernemers een btw-carrouselfraude kunnen herkennen. Bijvoorbeeld als er van tevoren al wordt vastgelegd aan welke partij de goederen moeten worden doorverkocht. In totaal krijgen zo’n 150 ondernemers die handelen in koper kathoden een brief. Verdachte situaties kunnen worden gemeld door dit door te geven aan een medewerker van de BelastingTelefoon voor ondernemers. Eerder trad de fiscus op tegen carrouselfraude met mobiele telefoons, computeronderdelen en auto’s.