donderdag 31 juli 2014

Banken en verzekeraars moeten rapportcijfer klantgerichtheid openbaar maken

Vereniging Eigen Huis (VEH), de Consumentenbond en beleggersvereniging VEB willen dat banken en verzekeraars het rapportcijfer bekendmaken dat zij van de toezichthouder AFM hebben gekregen voor hun klantgerichtheid, de zogenoemde score Klantbelang Centraal. In een gezamenlijke brief aan de financiële instellingen schrijven VEH, de Consumentenbond en VEB dat het ongewenst en niet van deze tijd is dat zij niet open zijn over hun prestaties. Bart Combée, directeur Consumentenbond: 'We geven de instellingen tot 20 augustus om hun scores bekend te maken en anders ondernemen we stappen.'

De AFM beoordeelt elk jaar de mate waarin tien grote banken en verzekeraars* het belang van de klant centraal stellen in diverse producten, diensten en processen. De toezichthouder geeft een rapportcijfer aan de financiële instelling in zijn geheel, en op aparte onderdelen als sparen, hypotheekadvies en belegginsdienstverlening. De AFM heeft alleen bevoegdheid de gemiddelde scores van alle onderzochte instellingen tezamen openbaar te maken, en niet de individuele scores per bank of verzekeraar. Banken en verzekeraars mogen dat wel zelf doen, maar alleen de Rabobank is transparant over zijn scores. Combée: 'Aan een gemiddeld cijfer voor de hele sector hebben consumenten natuurlijk niets. Ze willen weten wat de individuele prestaties zijn. Alleen daarmee kunnen ze instellingen met elkaar vergelijken en een afgewogen keuze maken'.

De drie belangenorganisaties willen niet alleen dat de banken en verzekeraars hun individuele scores openbaar maken, ze willen ook weten wat zij van hun rapportcijfer vinden en welke stappen zij, zo nodig, gaan zetten om de score te verbeteren. De AFM drukt de score op het Klantbelang Dashboard uit op een schaal van 1 tot en met 5. De sector in totaal scoorde vorig jaar het cijfer 3,5. Bij een 3 geldt dat 'de klantbelang-centraal gedachte voorkomt, maar in de praktijk te vrijblijvend wordt toegepast', aldus de AFM. Een 4 duidt erop dat 'de klantbelang centraal-gedachte herkenbaar een rol speelt en dat de instelling op de goede weg is.'

*De grote tien banken en verzekeraars die de AFM heeft onderzocht zijn ABN Amro, Achmea, AEGON, ASR, Delta Lloyd, ING, F. van Lanschot, Nationale Nederlanden, Rabobank en SNS REAAL.

woensdag 30 juli 2014

AFAS moet stoppen met automatische koppeling internetbankieren ING

Het online huishoudboekje van softwareontwikkelaar AFAS mag geen automatische koppeling naar internetbankieren van de ING bevatten. Dat heeft de voorzieningenrechter van de rechtbank Midden-Nederland vandaag beslist.

Via het onlineplatform AFAS Personal biedt AFAS sinds medio 2009 aan particuliere klanten een online huishoudboekje aan om beter inzicht te krijgen in hun geldzaken. Particuliere ING-betaalrekeninghouders kunnen handmatig hun transactiegegevens uit Mijn ING downloaden in een Excelbestand en vervolgens uploaden in AFAS Personal. Het online huishoudboekje is gratis. Daarnaast biedt AFAS gebruikers van het online huishoudboekje een pluspakket aan voor 2,99 euro per maand.

dinsdag 29 juli 2014

Fortis aansprakelijk voor misleidende mededelingen in 2008

​Fortis heeft in 2008 beleggers misleidend en onvolledig geïnformeerd, zodat aandeelhouders recht hebben op schadevergoeding, zo heeft het gerechtshof Amsterdam vandaag geoordeeld.  

De beslissing van het hof betreft een procedure die de belangenorganisatie FortisEffect en enkele voormalige aandeelhouders tegen Fortis (tegenwoordig Ageas geheten) en de Nederlandse Staat hebben aangespannen.

In september 2008, tijdens de mondiale kredietcrisis, is Fortis in zwaar weer komen te verkeren. Dit gebeurde nadat een internationaal consortium bestaande uit Fortis, Royal Bank of Scotland en Banco Santander de Nederlandse bank ABN AMRO had overgenomen. Twee achtereenvolgende reddingsoperaties door (o.a.) de Nederlandse Staat hebben er toen toe geleid dat de Nederlandse activiteiten van het Fortis-concern, inclusief ABN AMRO, in handen van de Staat zijn gekomen.
Die reddingsoperaties speelden zich af in de periode van 28 september tot en met 3 oktober 2008 en hebben de Staat € 16,8 miljard gekost.

Het hof heeft vandaag geoordeeld dat Fortis in die periode onrechtmatig heeft gehandeld door beleggers misleidend en onvolledig te informeren. Volgens het hof heeft Fortis beleggers misleid door na de eerste reddingsoperatie in de media te berichten dat Fortis er “financieel sterker voorstond dan ooit”. Hierdoor heeft Fortis, die wist dat die informatie onjuist was, aan de markt een misleidend signaal afgegeven en beleggers op het verkeerde been gezet. Deze beleggers hebben - mogelijk - naar aanleiding van de gewraakte mededelingen besloten aandelen Fortis te kopen of deze te behouden. Zij kunnen daardoor schade hebben geleden. Fortis is voor die schade aansprakelijk, zo oordeelde het hof.

De vorderingen van FortisEffect en de aandeelhouders tegen de Nederlandse Staat heeft het hof afgewezen. De berichtgeving van de Staat in de media over de financiële positie van Fortis en de mededelingen van minister Bos (Financiën) daarover in de Tweede Kamer acht het hof niet te positief en ook niet misleidend. Die mededelingen waren namelijk niet gericht tot de beleggers maar hadden tot doel te voorkomen dat rekeninghouders en spaarders van Fortis op grote schaal hun tegoeden zouden opnemen. Het hof heeft hierbij oog voor de speciale verantwoordelijkheid van de Staat om ervoor te zorgen dat het bancaire systeem niet ontwricht zou worden door een eventueel faillissement van een grote bank als Fortis.

FortisEffect en de aandeelhouders hadden ook verzocht om ongedaanmaking van de transactie in oktober 2008 waarbij de Nederlandse Staat het Nederlandse deel van het Fortis-concern  heeft gekocht. Die vorderingen heeft het hof afgewezen omdat, naar zijn oordeel, bij die reddingsoperatie geen rechtsregels zijn geschonden.

De omvang van de door Fortis aan de aandeelhouders te vergoeden schade zal in een aparte procedure door het hof worden beoordeeld.

Hogere belastingpost tempert winst Deutsche Bank

Deutsche Bank heeft in het tweede kwartaal de winst met bijna een derde zien afnemen. De winst van Deutsche Bank kwam het afgelopen kwartaal uit op 237 miljoen euro, tegenover 334 miljoen euro  vorig jaar. De winstdaling komt deels doordat Deutsche Bank meer belasting moest betalen: de belastingpost nam met bijna 50 procent toe. Ook kosten door strengere regelgeving en de lage rentestanden speelden het financiële concern parten.

Beurzen trotseren politieke spanningen

De AEX kon over de week per saldo ongeveer een procent winst boeken. De vorige week genoemde geopolitieke problemen zijn er nog steeds. De situatie in het Midden-Oosten (m.n. de Gazastrook) laat geen verbetering zien en ook de recente ontwikkelingen in Oekraïne / Rusland zijn weinig bemoedigend. Beleggers leken deze week echter meer oog te krijgen voor macro-economische cijfers en bedrijfsresultaten, waar we er deze week ook weer genoeg van hadden. De afnemende risico-aversie was ook terug te vinden in andere beleggingscategorieën. Zo verloor goud afgelopen week ongeveer 2%, en kon ook de olieprijs ietsje terug. De tien-jaars rente liep de afgelopen week een heel klein beetje op, zowel in de VS als Europa. Per saldo blijft de rente echter hardnekkig laag staan en wij gaan er vanuit dat dit zal veranderen als beleggers meer oog krijgen voor het economisch herstel en centrale banken hun stimulerende maatregelen (verder) terugschroeven. Hierbij verwachten wij dat de rente in de VS het voortouw zal nemen, gevolgd door de rente in Europa.

dinsdag 22 juli 2014

Banken blokkeren preventief betaalpassen slachtoffers vlucht MH17

Internationale media berichtten na de ramp dat mogelijk bankpassen van slachtoffers zijn gestolen. Voorop staat dat een bankpas zonder pincode in principe onbruikbaar is. Waar nodig monitoren banken transacties uit de betreffende regio extra sinds de ramp.

Zoals eerder gemeld, zullen de banken eventuele schade die - ondanks de zeer kleine kans daartoe - voortkomt uit misbruik van passen vergoeden aan de nabestaanden.

De Nederlandse banken blokkeren preventief de betaalpassen en waar mogelijk creditcards van de slachtoffers van de verongelukte vlucht MH17. De banken doen dit in nauw overleg met de Rijksoverheid. Zo wordt voorkomen dat passen worden misbruikt. Door de maatregelen hoeven de nabestaanden zelf geen aanvraag meer te doen voor het blokkeren van een pas. Nabestaanden ondervinden geen hinder van de maatregel. Een betaalpas of creditcard is persoonsgebonden. Aan de maatregel zijn voor de nabestaanden geen kosten verbonden.

Blokkering van de betaalpas leidt niet tot blokkering van de betaalrekening zelf. De betaalrekening die is gekoppeld aan een betaalpas blijft gewoon werken. Automatische afschrijvingen en dergelijke blijven doorgaan. Een en/of-rekening voor een achterblijvende partner blijft ook te gebruiken. Die kan daarmee dus blijven internetbankieren en betalen. Wat er uiteindelijk precies moet gebeuren met de betaalrekening hangt af van de individuele omstandigheden en moet in overleg met de bank door de nabestaanden worden vastgesteld.

Startupbootcamp start fintech accelator

Startupbootcamp heeft de tien startups aangekondigd die drie maanden mogen meedraaien in het zogenoemde fintech programma in Londen. De teams uit Europa, Afrika en de VS richten zich op financiële toepassingen. Er doet één Nederlands bedrijf mee. De tien bedrijven hebben al 6 miljoen euro aan financiering opgehaald, en 70 procent genereert al omzet. Begeleiding krijgen ze van Lloyds en Rabobank, MasterCard en SBT Venture Capital.

donderdag 17 juli 2014

Bedrijven krijgen € 10 miljard aan rekeningen nooit betaald

Bedrijven bezorgen elkaar een jaarlijkse schadepost van rond de € 10 miljard doordat rekeningen niet worden betaald. Het Nederlands bedrijfsleven realiseert een jaaromzet van rond de € 1.550 miljard. Het grootste deel, ongeveer driekwart, betreft leveringen tussen bedrijven (business-to-business), zowel binnenlands als via export. Een deel hiervan leveren bedrijven op krediet, waarbij er een risico bestaat dat er nooit betaald wordt. Deze schadepost is niet gering en komt uit op een jaarbedrag van € 10 miljard dat moet worden afgeschreven. Op de totale omzet scheelt dit gemiddeld bijna 0,9% marge, zo blijkt het berekeningen van ING Economisch Bureau.

Het economisch klimaat verbetert al enige kwartalen, maar is nog verre van florissant. Ook het aantal faillissementen is dalende, maar bevindt zich nog altijd op een relatief hoog niveau. Hiermee samenhangend bestaat het risico op laat of zelfs niet betalende afnemers, wat voor bedrijven soms tot een beduidend hoger dan verwachte schadepost kan leiden. Het risico op niet-betaling ontstaat wanneer bedrijven leveren op krediet. Het verkopen op krediet helpt een bedrijf vaak eerder aan business en biedt de mogelijkheid een duurzame relatie met de afnemer op te bouwen. Het leveren op krediet behelst echter ook een bepaald risico en legt beslag op schaars (werk)kapitaal. Uiteindelijk moet gemiddeld 2,2% van het uitstaande debiteurensaldo worden afgeschreven. Alleen al voor de verkopen binnen Nederland betekent dit op jaarbasis een niet geïnd bedrag van circa € 6 miljard. Aan exportzijde bedraagt dit naar schatting € 4 miljard.

Vliegticketverzekering lang niet altijd nodig

Vakantiegangers kunnen bij steeds meer online vliegticketaanbieders een verzekering afsluiten die uitkeert bij een faillissement van de luchtvaartmaatschappij. Zo’n garantie kan handig zijn, maar is lang niet altijd nodig.

Het is de nachtmerrie van elke vakantieganger. Het ticket naar Thailand is maanden geleden geboekt en een week voor vertrek gaat de luchtvaartmaatschappij failliet. Honderden euro’s gaan in rook op en wie op zo’n korte termijn een nieuwe vlucht wil boeken, betaalt de hoofdprijs.
.
Bij steeds meer partijen die online losse vliegtickets verkopen, kunnen reizigers een ticketgarantie of -verzekering afsluiten. Die vergoedt het ticket als de luchtvaartmaatschappij failliet gaat. In de meeste gevallen wordt een maximale schade van 1500 tot 2000 euro vergoed. Consumenten betalen meestal een vast bedrag van zo’n 6 à 7 euro voor de verzekering, ongeacht de prijs van het ticket.

De ticketverzekering is populair, zeggen reisbedrijven. Bij online reisbedrijf Travix, onder meer bekend van CheapTickets.nl, Vliegwinkel.nl en BudgetAir.nl, heeft ongeveer één op de vijf reizigers deze zomer zo’n garantie genomen. Bij CheapTickets.nl groeide het aantal reizigers dat voor een garantie kiest het afgelopen jaar met 25%.

dinsdag 15 juli 2014

Nervositeit op de financiële markten weer toegenomen

Beleggers reageerden de afgelopen week nerveus op een aantal tegenvallende economische ontwikkelingen. Daarnaast trokken problemen bij de Portugese bank Espirito Santo de aandacht. De nervositeit leidde tot koersdalingen op nagenoeg alle mondiale aandelenmarkten ten opzichte van de hoge (soms record)standen die vorige week nog werden bereikt.

Op de obligatiemarkten stegen – met uitzondering van de Europese periferie – de koersen. Dit was enerzijds de gebruikelijke reactie bij beleggers die de veilig geachte havens opzoeken en anderzijds het gevolg van een paar tegenvallende economische cijfers. Een voorbeeld daarvan was de daling van de Duitse industriële productie in mei (met bijna 2% ten opzichte van april), nadat in de voorgaande week was gebleken dat ook de industriële orders een gevoelige daling hadden ondergaan. Ook de woorden van ECB-president Mario Draghi dat een opkoopprogramma van obligaties in de eurozone tot de mogelijkheden blijft behoren, speelt een rol bij de daling van de obligatierentes tot historisch lage niveaus.

DNB wordt nationale afwikkelingsautoriteit

De minister van Financiën stelt voor DNB aan te wijzen als afwikkelingsautoriteit voor banken in Nederland. Deze nieuwe verantwoordelijkheid sluit aan bij de bestaande taken en deskundigheid van DNB. De organisatie van DNB wordt op een aantal punten aangepast om de onafhankelijkheid van deze afwikkelingstaak te waarborgen.

Wereldwijd hebben overheden tijdens de crisis steun aan banken moeten verlenen. Het faillissement van een grote, internationaal actieve bank zou onaanvaardbare risico’s met zich meebrengen voor de financiële stabiliteit en economie. Instrumenten om banken ordelijk af te wikkelen waren niet voorhanden. Het is dan ook van belang dat specifieke afwikkelingsautoriteiten worden opgericht, die toegerust met geloofwaardige instrumenten en bevoegdheden tijdig en slagvaardig kunnen ingrijpen in een falende instelling.

Tegen deze achtergrond vinden nu fundamentele veranderingen plaats, die de komende tijd van kracht worden. Zo moet op 1 januari 2015 de richtlijn over herstel en afwikkeling van banken (Bank Recovery and Resolution Directive, BRRD) zijn geïmplementeerd in nationale wetgeving. De BRRD verplicht tot het opstellen van herstel- en afwikkelingsplannen en geeft de EU-lidstaten instrumenten voor de afwikkeling van banken. Vanaf dezelfde datum treedt de verordening over het Europese afwikkelmechanisme (Single Resolution Mechanism, SRM) stapsgewijs in werking. Het SRM regelt de besluitvorming over afwikkeling van banken binnen de bankenunie. Aan het begin van 2016 wordt de besluitvorming over de afwikkeling van de grootste, grensoverschrijdende banken naar Europees niveau getild, met één centrale afwikkelingsautoriteit (die wordt bestuurd door de Single Resolution Board, SRB).

In het kader van deze institutionele veranderingen moeten nationale afwikkelingsautoriteiten worden aangewezen. Deze autoriteiten nemen zitting in de SRB en zullen in die hoedanigheid deelnemen aan besluitvorming over de afwikkeling van Nederlandse grootbanken (of van in Nederland gevestigde onderdelen van een buitenlandse bank). Daarnaast worden zij verantwoordelijk voor de uitvoering van besluiten van de SRB en voor de afwikkeling van de nationale, kleinbanken. Zo zal de afwikkelingsautoriteit afwikkelingsplannen voor deze instellingen gaan opstellen, beoordelen of de instelling moet worden afgewikkeld en besluiten over de inzet van afwikkelingsinstrumenten.

De minister stelt voor om deze afwikkelingstaak aan DNB toe te wijzen, vanwege de synergiën met de andere DNB taken. Zo waarborgt het beleggen bij DNB een nauwe en effectieve samenwerking en uitwisseling van informatie tussen de afwikkelingsautoriteit en de toezichthouder. De inzichten uit het toezicht zijn relevant voor de afwikkelingsfunctie, vanwege de specifieke kennis over de individuele instellingen. Voorts kan zo de bestaande deskundigheid van DNB met betrekking tot het opstellen van herstel- en afwikkelingsplannen voor banken en ten aanzien van crisismanagement worden benut. Door deze synergievoordelen is aanwijzing van DNB kostenefficiënt en kan in “vredestijd” worden volstaan met een kleine divisie, die in crisistijd soepel kan uitbreiden. Door deze opzet is het niet nodig dat een separate autoriteit wordt opgericht, in een tijd waarin reeds twee nieuwe Europese autoriteiten voor toezicht op en afwikkeling van banken van start gaan.

De BRRD schrijft voor dat de nationale afwikkelingsautoriteit onafhankelijk moet zijn. Dit is ook relevant in de bankenunie, waarbij nationale autoriteiten bevoegd blijven voor zowel toezicht op als afwikkeling van kleinere instellingen. Onafhankelijkheid borgt dat de doelstellingen van de verschillende taken helder blijven, bijvoorbeeld in de afweging van maatregelen voor probleembanken. De voorbereiding en uitvoering van afwikkelingstaken worden hiertoe belegd bij een aparte divisie binnen DNB die op enige afstand staat van het toezicht.

Om binnen DNB onafhankelijke besluitvorming te borgen, zal in een aantal aanvullende regelingen worden voorzien. Zo wordt de afwikkelingstaak toebedeeld aan een directielid die niet tevens eerstverantwoordelijk is voor het toezicht op banken, financiële stabiliteit of monetair beleid. Hoewel bij besluitvorming binnen DNB de directie op basis van consensus besluit, kan de directeur afwikkeling bij belangrijke afwikkelingsbesluiten (waaronder de vaststelling van de hoeveelheid bail-inbare instrumenten die een instelling moet aanhouden) de beslissende stem uitbrengen.

In het wettelijke mandaat dat de minister voornemens is aan de Tweede Kamer voor te leggen, zal worden bepaald dat bij de uitvoering van de afwikkelingstaak het beroep op publieke middelen in beginsel moet worden vermeden. Alleen indien het noodzakelijk is om de andere afwikkelingdoelstellingen te verwezenlijken, zoals het waarborgen van financiële stabiliteit, is een beroep op publieke middelen in ultimum mogelijk.

maandag 14 juli 2014

KPMG: 'Aantal vermogensbeheerders zal in 2030 gehalveerd zijn'

Het aantal vermogensbeheerders dat op dit moment wereldwijd actief is, zal over vijftien jaar gehalveerd zijn. De daling is een gevolg van het feit dat in het jaar 2030 het profiel van de gemiddeld klant van de vermogensbeheerder er volledig anders uitziet, van de opkomst van nieuwe technologieën en van het toenemend gebruik van het internet door de klant. In het onderzoeksrapport 'Investing in the future' geeft KPMG een beeld van de toekomst van het wereldwijde vermogensbeheer.

"De belangrijkste verandering die op de vermogensbeheerder afkomt is dat hij te maken krijgt met een jonger en meer divers klantenbestand, dat de eigen verantwoordelijkheid gaat nemen voor de oudedagvoorziening en dus minder aan de vermogensbeheerder over laat", zegt Roel Menken, partner bij KPMG en specialist op het gebied van vermogensbeheer.

Menken: "In 2030 zal de generatie X, mensen geboren tussen 1961 en 1980, met pensioen gaan, en zullen nieuwe generaties zich aandienen, generaties die aanzienlijk verschillen van de huidige. Bovendien zal het vermogen van de nieuwe middenklasse in met name de opkomende markten dan zeer omvangrijk zijn. Ontwikkelingen die het wereldwijde vermogensbeheer drastisch zullen hervormen en gaan zorgen voor de grootste shake-up in de sector ooit."

Het onderzoek van KPMG signaleert dat het er in de toekomst niet langer om gaat dat vermogensbeheerders díe klanten aan zich binden die over voldoende kapitaal beschikken en ook bereid zijn om dat geld te investeren.

Menken: "De vermogensbeheerder van de toekomst moet werken aan een relatie met klanten die in feite bij de wieg begint en bij het graf eindigt, klanten die in toenemende mate uit alle geledingen van de bevolking komen en bovendien steeds jonger zijn. Daarnaast zullen ze er rekening mee moeten houden dat bij deze relatief jonge groep investeerders de vrouw een steeds grotere vinger in de pap heeft en vaker bepaalt wat er met het vermogen van het gezin gebeurt.

Menken constateert dat de technologie een belangrijke rol speelt bij de toekomst van de sector. Menken: "De behoeften en verwachtingen van de klant zullen er over vijftien jaar totaal anders uitzien. Zij zullen een steeds grotere behoefte hebben aan maatwerk als het gaat om informatie en advies. Bovendien zal de klant van de toekomst in toenemende mate online zaken willen doen in plaats van een persoonlijk gesprek. Vermogensbeheerder zullen dan ook op zoek moeten naar een technologie die hen in staat stelt de klant beter te begrijpen en in te spelen op zijn behoefte.

 Zo hebben vermogensbeheerders nog een lange weg te gaan als het gaat om het gebruik van big data, de informatie die als gevolg van het toenemende gebruik van sociale netwerken en multimedia door consumenten beschikbaar komt. De bedrijven investeren weliswaar veel geld in informatietechnologie, maar de aandacht gaat onvoldoende uit naar het scheppen van een IT-omgeving die tegemoet komt aan de behoeften van morgen."

Volgens KPMG bieden alle veranderingen aanzienlijke mogelijkheden voor nieuwe spelers op de markt en zal bovendien een vloedgolf van fusies en overnames op gang komen. Menken: "Nieuwe spelers hebben geen last van verouderde systemen en kunnen heel snel een concurrent van formaat worden als zij er ook in slagen om bijvoorbeeld het gebruik van big data in te passen in hun strategie. Het valt dan ook niet uit te sluiten dat een aantal trusted brands, zoals Google en Apple, zich op de markt begeeft. Als geen ander bedrijf hebben zij aantrekkingskracht op een breed en jong publiek en zijn zij in staat om in korte tijd veel van deze nieuwe klanten aan zich te binden."

vrijdag 11 juli 2014

AFM publiceert reacties op oproep om mee te denken met de Agenda 2015

Op de oproep om input te leveren op de AFM-agenda 2015 zijn ruim 40 reacties binnengekomen. Ze zijn afkomstig van een breed scala aan partijen, van onafhankelijke adviseurs en koepelorganisaties tot consumenten. De AFM ziet de opmerkingen als waardevolle input voor het opstellen van de plannen voor 2015.

Belangrijke punten die vaker terugkomen zijn zorgvuldige afsluiting van dossier over beleggingsverzekeringen, de neveneffecten van het provisieverbod en het belang van duidelijke communicatie over pensioenen. Op het gebied van kapitaalmarkten wordt onder meer aandacht gevraagd voor het beijveren van gestroomlijnde rapportageverplichtingen die voortvloeien uit de verschillende Europese wetgevingstrajecten zoals EMIR en MiFID II.

Zes partijen gaven aan dat hun reactie niet mocht worden gepubliceerd. De AFM publiceert half oktober de voorlopige plannen voor 2015. Ook hierop kunt u dan uw reactie geven.

donderdag 10 juli 2014

'Belangrijk dat banken eigen gedragsregels opstellen'

Ter ondersteuning van de publieke consultatie van het pakket ‘Toekomstgericht bankieren’ heeft de Nederlandse Vereniging van Banken onderzoek laten doen onder een representatieve groep Nederlanders. Op factoren als betrouwbaarheid, duidelijkheid, service en stabiliteit worden banken positief beoordeeld, zo blijkt uit het onderzoek van TNS NIPO. Verbeterpunten zijn het beloningsbeleid, klantgerichter werken en transparanter werken.

Nederlanders hechten meer waarde aan de impact van tuchtrecht (58%) dan aan de bankierseed (36%). Een meerderheid van de ondervraagden (56%) vindt het belangrijk dat banken hun eigen gedragsregels opstellen zodat medewerkers en samenleving weten waar ze aan toe zijn. NVB-voorzitter Chris Buijink: ‘Wij zien deze percentages als een steun in de rug maar er is onmiskenbaar nog veel te doen.’

Het pakket ‘Toekomstgericht bankieren’ bevat gedragsregels die zijn afgeleid van de bankierseed en het tuchtrecht die vanaf 1 januari a.s. voor alle medewerkers van banken gaan gelden. De uitkomsten van het onderzoek van TNS NIPO worden bij de verwerking van de resultaten van de consultatie betrokken.
Maatschappelijk statuut

De Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) gebruikt de komende maanden om de resultaten van de publieke consultatie te verwerken. ‘Toekomstgericht bankieren’ bestaat naast de gedragsregels voor bankiers uit het maatschappelijk statuut en de vernieuwde Code Banken en wordt na de zomer definitief vastgesteld en gepubliceerd.

In april en mei kon het publiek via de website van de NVB op het pakket reageren. Ruim 2200 mensen hebben van deze mogelijkheid gebruik gemaakt, waarvan 2000 via het particuliere initiatief www.verteljebankdewaarheid.nl. Ook een twintigtal maatschappelijke organisaties, waaronder de Consumentenbond, heeft een reactie gegeven.

woensdag 9 juli 2014

ABN AMRO introduceert site voor intermediairs

ABN AMRO introduceert een nieuwe site voor intermediairs. De site bevat een open deel dat voor iedereen toegankelijk is en een gesloten deel dat alleen toegankelijk is voor intermediaire relaties van de bank.

Het open deel van intermediair.abnamro.nl bevat onder meer een overzicht van actuele hypotheekrentes, nieuws en voorwaarden voor samenwerking. Het gesloten deel biedt tools en systemen voor klantbediening. Het blijft overigens mogelijk om met behulp daarvan elke hypotheekklant van ABN AMRO te bedienen, ook als deze klant niet eerder bij de betreffende intermediair is geweest. Daarnaast is er binnen het gesloten deel maatwerk informatie voor  de intermediair en zijn klanten te vinden, zoals diverse rapportages, werknemersarrangementen en gegevens van contactpersonen. Uiteraard is daarbij de beveiliging van de gegevens van klanten en van intermediairs gewaarborgd; de bank hanteert zeer strikte beveiligingsprotocollen die voldoen aan wet- en regelgeving.

Joan Berger, directeur Intermediaire Verkoop ABN AMRO: ‘De bank investeert in systemen en informatiebronnen die de intermediair nodig heeft bij zijn bedrijfsvoering en advisering. Met de lancering van deze nieuwe site onderstreept ABN AMRO het belang van het intermediaire kanaal voor haar distributiestrategie en klantbediening.’

maandag 7 juli 2014

Constructieve dialoog bankiers-wetenschappers

Op donderdag 3 juli vond bij de Nederlandse Vereniging van Banken een constructieve dialoog plaats tussen bankbestuurders, economen en betrokken deskundigen over de kapitalisatie van banken op weg naar Europees Toezicht. De bijeenkomst was zo constructief dat er een vervolgbijeenkomst gepland wordt rond de bekendmaking van de uitkomsten van de Asset Quality Review (AQR) en de stresstesten van banken door de ECB (dat is rond 17 oktober).

vrijdag 4 juli 2014

Stichting redt e-Gulden van ondergang

De nieuwe Stichting Electronic Gulden Foundation neemt de begeleiding van de Nederlandse crypto valuta Electronic Gulden over van de initiatiefnemers. De uitrol van de crypto valuta liep volgens de stichting niet helemaal naar wens.

In april werd e-Gulden, een alternatief voor de euro voor de Nederlandse burger, via de nationale media aan het Nederlandse publiek voorgesteld. Publicitair was de introductie een groot succes, maar er kwam een kink in de kabel. Bij de initiatiefnemers konden pakketjes van vijftig e-Guldens per Nederlander worden aangevraagd. De andere helft zou dan door het elektronische ‘minen’ van e-Guldens in omloop worden gebracht. Van de 10,5 miljoen e-Guldens is slechts een klein deel daadwerkelijk uitgekeerd.

donderdag 3 juli 2014

Helft verzekeraars doet niets voor eerlijke toegang tot medicijnen

De helft van de 10 grootste verzekeraars in Nederland doet niets om de toegang van armen tot geneesmiddelen te bevorderen. Alle 10 verzekeraars investeren wel voor in totaal Euro 29,7 miljard (waarvan Euro 5,2 miljard voor eigen rekening) in 20 grote farmaceutische bedrijven die hierin het verschil kunnen maken. Aegon, Allianz, ASR, Generali en Legal & General hebben op geen enkele wijze kunnen aantonen dat zij de VN 'Mensenrechten Richtlijnen voor Farmaceutische Bedrijven in relatie tot Toegang tot Medicijnen' toepassen in hun beleggingsbeleid. Achmea, ING en SNS Reaal hebben aan de Eerlijke Verzekeringswijzer toegezegd om hun beleid ten aanzien van toegang tot geneesmiddelen in het komende jaar te verbeteren. Dat blijkt uit het tweede praktijkonderzoek van de Eerlijke Verzekeringswijzer.

Het onderzoek richtte zich op de keuzes die de grootste levensverzekeraars in Nederland maken bij hun investeringen in grote internationale farmaceutische bedrijven. Onderzocht is of de score van de farmaceutische bedrijven op de Access to Medicine Index meetelt in de investeringsbeslissingen van verzekeraars.

'Het recht op noodzakelijke medicijnen is vastgelegd in internationaal recht, zoals de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en het juridisch bindende VN-verdrag voor Economische, Sociale en Culturele Rechten. Maar voor een derde van de wereldbevolking is dat recht niet vanzelfsprekend. Je zou verwachten dat alle verzekeraars die investeren in farmaceutische bedrijven zich actief houden aan VN-verdragen en richtlijnen voor betere toegang tot geneesmiddelen, maar dat is niet zo', aldus Peter Ras van de Eerlijke Verzekeringswijzer.

Het praktijkonderzoek van de Eerlijke Verzekeringswijzer richtte zich specifiek op levensverzekeraars omdat zij over de lange termijn beleggen en als aandeelhouders invloed kunnen uitoefenen op de bedrijven waarin zij investeren. De onderzochte (moeder-)bedrijven zijn ING, Achmea, SNS Reaal, ASR, Delta Lloyd, Aegon, Allianz, APG Loyalis, Legal & General en Generali. Per thema en per sector krijgen de verzekeraars een rapportcijfer voor hun investeringsgedrag. Deze scores kunnen oplopen van 1 (zeer slecht) tot 10 (uitstekend).

Geen enkele verzekeraar blijkt bij voorkeur te investeren in farmaceutische bedrijven die goed scoren op de Access to Medicines Index. Achmea kondigde tijdens dit onderzoek wel aan dat zij het Access to Medicines Investor Statement zal ondertekenen. APG, Delta Lloyd en SNS Reaal deden dit al. Achmea en SNS Reaal hebben aangetoond dat zij farmaceuten hebben aangesproken op het belang van betere toegang tot medicijnen.

Vijf verzekeraars, Aegon, Allianz, ASR, Generali en Legal & General hebben op geen enkele wijze aangetoond dat zij farmaceuten aanspreken op het belang van verbeterde toegang tot medicijnen én hebben geen formele toezegging gedaan om hun beleggingsbeleid ten aanzien van de toegang tot medicijnen voor arme bevolkingsgroepen te verbeteren.

'Uit dit praktijkonderzoek blijkt dat verzekeraars nog veel kunnen verbeteren in de toepassing van hun mensenrechtenbeleid in hun beleggingen', zo stelt Ras. 'Hoeveel een verzekeraar belegt in een farmaceut blijkt vooral af te hangen van de beurswaarde van een bedrijf en niet zozeer of dit bedrijf zich ook aan VN-richtlijnen houdt om de armsten te helpen. Enkele verzekeraars laten zien dat ze wel stappen zetten om toegang tot medicijnen te bevorderen; laten de andere verzekeraars daar een voorbeeld aan nemen.'

Consumenten kunnen op eerlijkeverzekeringswijzer.nl informatie vinden over het maatschappelijk beleid van de (moederbedrijven van de) top tien van levensverzekeraars in Nederland. Zij kunnen zien hoe hun verzekeraar scoort op diverse duurzaamheidsthema's en deze ook aanschrijven om commentaar te geven.

woensdag 2 juli 2014

Eneco lanceert HollandseWind Certificaten

Vandaag kondigt Eneco een nieuw, laagdrempelig en duurzaam investeringsprogramma aan. Alle inwoners van Nederland, klant of niet klant, wordt met dit nieuwe programma de gelegenheid geboden om voor een laag bedrag te ervaren wat investeren in een windmolen oplevert. Eneco introduceert namelijk binnenkort HollandseWind Certificaten, 400.000 obligaties van 25 euro in windpark De Beemden in West-Brabant. De rente is minimaal 2,5% en naarmate de wind harder waait, kan dit oplopen tot 3,5%.

Voor Eneco is de introductie van HollandseWind Certificaten een belangrijke stap om heel Nederland kennis te laten maken met windenergie. Erik van Engelen (commercieel directeur Eneco): ‘Om energie constant beschikbaar én betaalbaar te houden, is het belangrijk dat zoveel mogelijk mensen zelf aan de slag gaan met duurzame energie. Dat kan bijvoorbeeld door duurzame energie af te nemen, het zelf op te wekken en nu dus ook door mee te investeren in windmolens’.

Er zijn in totaal 400.000 HollandseWind Certificaten beschikbaar. Per persoon kunnen er maximaal 100 worden aangeschaft, zodat er zoveel mogelijk mensen kunnen meedoen. De looptijd van de obligaties is vijf jaar, maar ze kunnen zonder kosten op ieder moment worden terug verkocht. Meer informatie over het investeringsprogramma en over de mogelijkheid om mee te doen, is hier te vinden.

Eneco kan bij hogere gemiddelde windsnelheden op jaarbasis meer windstroom produceren en wil dat certificaathouders daarvan mee profiteren. De jaarlijkse rente is minimaal 2,5%, maar kan oplopen tot 3,5%. De hoogte van dit windrendement is afhankelijk van de gemiddelde windsnelheid (meter/seconde) in Nederland in een jaar, gemeten vanaf 1 juli door het KNMI De Bilt.

Eneco kan met de opbrengsten van de obligatieverkoop een lening van Windpark de Beemden aflossen. Hierdoor komt er sneller geld vrij dat opnieuw geïnvesteerd gaat worden in duurzame windenergieprojecten. Windpark de Beemden is een samenvoeging van drie windparken, die vlak bij elkaar liggen ten westen van Etten-Leur, te weten windpark Zwartenbergseweg, windpark Hoevensche Beemden en windpark Laaksche Vaart. Bij elkaar 15 windmolens, die windstroom opwekken voor zo'n 25.000 huishoudens. Windpark Laaksche Vaart wordt op dit moment gebouwd.

Beursgang voor Nationale Nederlanden

Nationale Nederlanden, de verzekeringstak van ING, gaat vandaag naar de beurs. De introductieprijs is vastgesteld op 20 euro per aandeel. Met een verwachte opbrengst van in totaal 1,5 miljard euro wordt het één van de grootste beursgangen in Europa dit jaar. De belangstelling voor NN lijkt groot te zijn. ING maakte dinsdag nog bekend het aantal aangeboden aandelen te verhogen van de eerder aangekondigde 70 miljoen naar 77 miljoen.

G4S nieuwe strategische partner Geldservice Nederland

G4S Nederland zal als strategisch partner van Geldservice Nederland vanaf 1 januari 2015 verantwoordelijk zijn voor het transport, de servicing en het automatenonderhoud van ruim tweederde van het landelijke netwerk van de drie grootste banken van Nederland. Donderdag 26 juni is het contract tussen beide partijen getekend.

Het is voor het eerst dat de grootbanken alle werkzaamheden rond de servicing en het onderhoud van alle 10.000 geldautomaten via GSN volledig uitbesteden. De drie grootbanken beslaan hiermee zo'n negentig procent van de markt. Dankzij jarenlange internationale ervaring en expertise op het gebied van cash en device management, is G4S in staat om GSN service van het hoogste niveau te bieden.

Binnen het retail marktsegment is de total solutions provider al marktleider op dit gebied. Met het GSN contract zal G4S hiervoor ook marktleider in het bancaire marktsegment worden. Naar verwachting levert het nieuwe contract een verdubbeling op in omzet binnen dit segment.

Gert Askes, Directeur van G4S Nederland, omschrijft de gunning van het contract als een doorbraak binnen de Nederlandse markt. "Ik ben blij dat GSN haar vertrouwen aan G4S geeft. We kijken er naar uit om gezamenlijk de grootbanken in Nederland innovatieve oplossingen voor chartale logistiek te bieden. Als partner kunnen wij zo tevens blijvend een bijdrage blijven leveren aan de stabiliteit en kosteneffectiviteit van de contante geldketen in Nederland. En het daagt ons bovendien uit om blijvend te innoveren op dit vlak en in nauwe samenwerking met GSN tot nieuwe oplossingen te komen", aldus Askes.

Algemeen Directeur van GSN, Geert Eikelboom, verklaart erg blij te zijn over de toekomstige samenwerking met G4S en spreekt zijn vertrouwen uit over de invulling van het partnerschap. Eikelboom: "Het gaat om het verbeteren van de efficiëntie en effectiviteit van cash logistiek. Hierbij staan expertise, kostenbewustzijn en samenwerking centraal. Wij vertrouwen erop dat we door samen te werken met G4S de nodige stappen kunnen zetten om de cashketen verder te optimaliseren."

dinsdag 1 juli 2014

Megastrop dreigt voor Nationale Nederlanden

De compensatie die verzekeraar Nationale Nederlanden moet gaan uitkeren voor verkochte woekerpolissen, kan honderden miljoenen euro's hoger uitvallen dan eerder werd aangenomen. Dat blijkt uit een geheim rapport, dat is ingezien door RTL Nieuws. Vorig jaar al oordeelde klachteninstituut Kifid dat Nationale Nederlanden woekerpolishouders moet compenseren voor de eerste kosten. Nationale Nederlanden had haar klanten beter moeten informeren, zo onderschreef recentelijk ook de belangrijkste adviseur van het Europees Hof. Het huidige, nog geheime rapport gaat zo mogelijk nog verder.

Directie DNB terug van vijf naar vier leden met nieuwe portefeuilleverdeling

De directie van de Nederlandsche Bank (DNB) gaat terug van vijf naar vier directieleden. Aanleiding hiervoor is het eerder aangekondigde vertrek van directielid Joanne Kellermann. Ingegeven door de Europeanisering van het bankentoezicht, met een gedeeltelijke overdracht van de beslissingsbevoegdheid naar de ECB, kiezen de directie en Raad van Commissarissen ervoor om het aantal directieleden tot vier te beperken. Met deze voorgenomen besluiten van de directie en de RvC wordt het bestuur zo efficiënt en effectief mogelijk ingericht in de context van de nieuwe Europese Bankenunie.

Met de nieuwe omvang van de directie is ook afgesproken de portefeuilleverdeling aan te passen. De portefeuilleverdeling binnen de directie van DNB gaat er als volgt uitzien:

Prof. dr. Klaas Knot (1967) zal naast zijn positie als lid van de Governing Council van de ECB en het voorzitterschap van de directie de regie gaan voeren over het interne bedrijf.
Dr. Jan Sijbrand (1954) krijgt als voorzitter Toezicht naast de leiding over het bankentoezicht en de divisie toezicht beleid, ook het toezicht op verzekeraars onder zijn hoede.
Mr. Frank Elderson (1970) wordt directeur voor de nieuwe taak van DNB als afwikkelingsautoriteit. Daarnaast zal de heer Elderson het toezicht op de pensioenfondsen en het toezicht horizontale functies (voorheen toezicht expertise centra) voor zijn rekening gaan nemen. De heer Elderson wordt niet primair belast met het toezicht op de banken, het monetair beleid of financiële stabiliteit zodat de afwikkelingsfunctie onafhankelijk en autonoom kan worden uitgevoerd. De heer Elderson houdt Juridische Zaken in zijn pakket.
Prof. dr. Job Swank (1955) neemt naast het takenpakket van de directeur monetaire zaken en financiële stabiliteit ook het betalingsverkeer onder zijn hoede.